dorienv, Author at Happinez

Haal je verf, je kwasten en je schildersezel maar tevoorschijn: het is tijd voor een creatief uurtje.

Ja, ook al moet je eigenlijk werken, naar de sportschool, koken of die serie kijken waar iedereen het over heeft. Want van tekenen, schilderen, vingerverven en aquarelleren knapt een mens op. Dat zit namelijk zo.

Als je erover nadenkt is het eigenlijk best gek. Ieder mens begint zijn carrière met creativiteit – voordat we leren rekenen, lezen en schrijven, weten we al raad met kleurpotloden, verf, ecoline en al die andere schatten die de kleuterjuf in haar kast bewaart. Als we klein zijn worden we aangemoedigd om lekker met onze handen bezig te zijn, want dat is goed voor de motoriek én de expressie.

En toch speelt creativiteit in het leven van de meeste twintigers, dertigers, veertigers en vijftigers maar een heel kleine rol. Er zijn natuurlijk heel veel andere dingen belangrijk in een mensenleven – werk, koken, sporten – maar niemand kan zonder ontspanning. En laten kliederen, knutselen en fröbelen nou geweldige manieren zijn om te ontspannen.

Alles mag

Bij de meeste dingen in een grotemensenleven komen regels kijken, maar op een groot vel wit papier kan alles. En voelt zo’n vel papier nog te beperkend, dan kun je ook een flink canvas nemen, of desnoods een hele muur. Wie maakt je wat?

Lekker met je handen

Hoe fysieker, hoe beter. Vingerverven staat van alle creatieve disciplines niet het hoogst in aanzien, maar het is misschien wel het allerlekkerste om te doen. Gewoon je handen in de koele verf en gáán.

Zonder doel

Hoe minder je erbij nadenkt, hoe meditatiever het wordt. Stel jezelf dus geen concreet doel, laat staan een onrealistisch doel (een precies gelijkend portret van je geliefde kan altijd nog en de Mona Lisa bestaat al). Geniet gewoon van het bezig zijn en verras jezelf.

De tijd kwijt

Ben je een tijdje bezig, dan krijg je vaak de smaak te pakken. Je bent zo lekker bezig dat je de wereld om je heen vergeet – wat je gisteren deed en morgen gaat doen doet er even niet toe. Na een tijdje merk je dat de zon ondergaat: uren blijken voorbij gegaan zonder dat je het door had.

Je ei kwijt

Niet voor niets bestaat er zoiets als Creatieve Therapie: iets máken is een geweldige manier om je ei kwijt te raken. Het heeft hetzelfde effect als een flink verhaal in je dagboek schrijven, maar dan nog beter: je bent minder aan het denken en meer aan het voelen.

Creatief zijn op het Happinez Festival

Altijd dol geweest op tekenen? Of hou je vooral van kíjken naar mooie illustraties? Op het Happinez Festival leert grafisch ontwerper en illustrator Marenthe Otten je de fijne kneepjes van het illustreren. Je kent Marenthes werk vast, want ze maakt al jaren de mooiste tekeningen voor Happinez en andere bladen en boeken. En ze richtte onlangs de creatieve academie The Art Beat Club op. In Happinez – Volg je intuïtie (nu in de winkel) lees je een uitgebreid interview met Marenthe.

Twintig jaar geleden was het nog een beetje gênant als je je liefde had ontmoet via een datingsite, maar sinds de komst van Tinder is online dating (nu via apps) de normaalste zaak van de wereld. Heb je zelf niet je verkering leren kennen via een datingapp, dan ken je wel iemand die zijn lief daar vandaan heeft. Maar wat doen die apps eigenlijk met ons liefdesleven?

In essentie is er natuurlijk niet zo heel veel veranderd. Ook vóór de datingsites en -apps gingen mensen al op zoek naar een nieuwe liefde. Of je die nu in de kroeg ontmoet, op een feestje of via Tinder, dat maakt niet zoveel uit. Toch?

De invloed van dating-apps

De Vlaamse communicatiewetenschapper Elisabeth Timmermans was benieuwd of dat echt zo is. Ze onderzocht of, en hoe, dating-apps ons gedrag in het daten en in relaties veranderd hebben. Zitten we vooral op die apps voor een nieuwe relatie, of meer omdat we op zoek zijn naar seks? Stellen we meer eisen? En hoe gaan we om met keuzestress (als je maar blijft swipen, omdat je misschien iemand tegenkomt die nog leuker is)?          

Er wordt wel gezegd dat veel mensen niet zozeer op Tinder zitten omdat ze een relatie zoeken, maar vooral voor seks. Dat valt erg mee, blijkt uit het onderzoek van Elisabeth. Er zijn heel veel redenen om een datingapp te gebruiken (behoefte aan afleiding, beter leren flirten, behoefte aan bevestiging) en seks is daarvan pas de elfde. Aan de ene kant is dat bemoedigend als je serieus op zoek bent naar een relatie, aan de andere kant kan het dus zijn dat die leukerd met wie je een match hebt zich vooral aan het vervelen was.

Ook een veelgehoorde mening over daten via apps: het is oppervlakkig, omdat je in de eerste plaats selecteert op uiterlijk. Verrassend genoeg blijkt uit Elisabeths onderzoek dat veel mensen het makkelijker vinden om zich online bloot te geven. Ze delen gemakkelijker persoonlijke dingen. Het zou dus best zo kunnen zijn dat een date via Tinder juist sneller de diepte in gaat dan een date met iemand die je in de kroeg hebt leren kennen – gewoon omdat je via de app al van alles besproken hebt.

Ben je aan het daten of overweeg je eraan te beginnen? Een paar tips van Elisabeth om eruit te halen wat erin zit:

Gebruik realistische foto’s

En wees niet bang om jezelf ten voeten uit te laten zien. Mensen vinden het juist fijn om een realistisch beeld van je te krijgen, en die ‘mindere kantjes’ vindt iemand anders misschien juist fascinerend. Die authenticiteit geldt trouwens ook voor je bio: wees jezelf, noem geen hobby’s waar je eigenlijk geen bal aan vindt.

Vergeet je checklist

De sleutel voor een goede date is volgens Elisabeth: niet teveel eisen stellen. Ga zeker niet alleen op iemands foto af, want er zijn een heleboel andere eigenschappen die bepalen of jullie bij elkaar passen. Neem wat tijd om iemand te leren kennen, en gun die ander de kans om jou te leren kennen (een goede tekst over jezelf helpt daar enorm bij).

Toon interesse

Sommige clichés zijn nu eenmaal heel erg waar: het moet van twee kanten komen. Laat dus zien dat je geïnteresseerd bent in de ander. Vraag bijvoorbeeld nog eens naar dat sollicitatiegesprek waar hij of zij in de app iets over zei, of kom terug op die film die hij of zij je tipte nadat je daar zelf ook naartoe bent geweest.

Meer lezen?

En ook…

Meedoen aan The Voice, die knappe collega mee uit vragen, solliciteren naar een fantastische baan waar je cv eigenlijk helemaal niet bij past. Krijg je al de bibbers bij het idee? Dan weet je hoe het voelt: angst voor afwijzing.

Want eigenlijk is er, behalve de angst om ‘nee’ te horen te krijgen, geen enkele reden om het niet te doen. Toch? Ja, schaamte misschien. Maar dat hangt vaak samen met de angst voor afwijzing. Als je geen schaamte zou kennen, zou je alleen maar denken: nee heb ik, ja kan ik krijgen.

Experiment

Net als iedereen had Jia Jiang een droom. Hij wilde de baas worden van zijn eigen bedrijf. Op naar de Kamer van Koophandel, zou je misschien denken, maar Jia was verlamd door angst om afgewezen te worden. Toen hij zich realiseerde dat de angst hem eigenlijk veel meer in de weg zat dan het idee van afwijzing zelf, bedacht hij een grootschalig experiment om van de angst af te raken.

Honderd (!) dagen lang zocht hij de afwijzing expres op. Op zijn eerste dag vroeg hij – met lood in z’n schoenen, dat wel – een beveiligingsbeambte op kantoor of hij honderd euro van hem mocht lenen. Het antwoord was: ‘Nee. Waarom?’ en Jia moest er even van bijkomen. ‘Even werd het wit voor mijn ogen. Toen beende ik zo snel mogelijk weg. Ik had het gevoel dat ik vluchtte voor een roofdier dat aarzelde of hij me zou achtervolgen of zou laten ontsnappen.’

‘Mag ik in uw tuin voetballen?’

Die avond vroeg hij zich af waarom hij eigenlijk zo bang was geweest – niet alleen om de vraag te stellen, maar ook om nog even te blijven staan. De beambte had weliswaar nee gezegd, maar ook gevraagd ‘waarom?’. Jia nam zich voor om voortaan minder gehaast te werk te gaan, maar rustig zijn vraag te stellen én uit te leggen waarom hij dat deed.

Daarna volgden nog tientallen pogingen. De ene nog origineler – en aanstekelijker – dan de andere. ‘Mag ik in uw achtertuin voetballen?’ (gekleed in voetbaltenue). ‘Wilt u mijn haar trimmen als een Duitse herder?’ (bij de trimsalon). ‘Mag ik de veiligheidsinstructie geven?’ (aan een steward in het vliegtuig). Hij ging mensen begroeten bij de deur van de Starbucks, deelde appels én geld uit aan vreemden (wat, verrassend genoeg, ook leidde tot afwijzingen).

Je zou denken dat er na honderd dagen afwijzing niks meer over was gebleven van Jia’s zelfvertrouwen, maar het tegenovergestelde is waar. Hij leerde er een hoop van, over zichzelf én anderen. Drie lessen:

Afwijzing is een mening

Je kunt elke ‘nee’ op jezelf betrekken, en je schamen omdat je dacht dat het je zou lukken. Maar een afwijzing is geen objectieve waarheid. Het ‘nee’ zegt meer over degene die afwijst, dan over degene die iets vroeg. En iedereen kan ernaast zitten.

Vraag waarom

Na de eerste poging (de vraag of Jia 100 euro mocht lenen van de beveiligingsbeambte), werkte Jia aan zijn verhaal. Hij stelde niet uit het niets de vraag, maar legde uit waaróm hij iets wilde. Vaak kreeg hij een uitleg die hem iets leerde. Al was het maar dat mensen vaak een andere reden hebben voor hun afwijzing dan je denkt.

Ren niet weg

Heb je iets gevraagd wat je heel graag wilde en krijg je een nee, ren er dan niet vandoor en kruip niet ogenblikkelijk in je schulp. Zie de afwijzing als een les en denk na over een aanpassing van je plan. Hoe kun je tóch die baan krijgen die je zo graag wilt, welke tussenstappen zou je ervoor kunnen zetten? Zing je veel te vals voor The Voice, hoe kun je dan werken aan je zangkwaliteiten? En word je afgewezen door die superknappe collega, dan moet je misschien slikken en doorgaan – op naar een andere vis in de zee die misschien nog veel beter bij je past.

Meer lezen over afwijzing?

Sterker dan afwijzing – Hoe ik mijn angst overwon en onverwoestbaar werd. Jia Jang, Kosmos Uitgevers.

En ook…

Als kersverse moeder staat je wereld op z’n kop. Je loopt over van liefde voor dat kleine wezentje dat aan je zorg is toevertrouwd, maar er spelen ook honderden vragen door je hoofd. Kan ik het wel? Doe ik het wel goed? En dan ben je ook nog zo. ontzettend. moe. Juist nu alles om die kleine lijkt te draaien, is het belangrijk om jezelf niet uit het oog te verliezen. Zeven tips. 

Vraag hulp en aanvaard het

Iedere moeder heeft ideeën over hoe het hoort. Je vergelijkt jezelf met anderen en legt de lat misschien behoorlijk hoog: dit moet je zelf kunnen, en dat… Maar hé, je hoeft het niet alleen te doen. Wees mild voor jezelf, accepteer hulp wanneer het je wordt aangeboden en vraag erom wanneer je het nodig hebt. Je omgeving vindt het alleen maar fijn om je te kunnen helpen.

Schrijf op hoe je je voelt

Gun jezelf de opluchting van éven je gedachten op papier zetten. Dan ben je ze kwijt, en het is hartstikke waardevol voor later. Wanneer je wilt weten hoe het in die beginperiode ook alweer ging, en hoe je je toen voelde.

Rustig aan met de schermpjes

Slaapt hij of zij eindelijk even, dan ben je vast geneigd even te kijken hoe het er buiten je bubbel aan toegaat. Wat zijn je vrienden aan het doen, heb je nog felicitaties gehad, wil er nog iemand op visite komen? Voel je daartoe niet verplicht, laat je telefoon gerust even voor wat ie is. Je komt vaak beter tot jezelf door even diep adem te halen, een muziekje te luisteren of te mediteren.

Frisse lucht

De eerste weken zit je in een bubbel. Je leeft van voeding naar voeding en van slaapje naar slaapje. Voor je het weet gaan er dagen voorbij zonder dat je buiten bent geweest. Probeer twee keer per dag naar buiten te gaan, al is het maar een kwartiertje. Even frisse lucht opsnuiven, dat geeft nieuwe energie.

Voed jezelf

Goed eten is in deze periode echt je geheime wapen. Hoe gezonder en energierijker je eet, hoe sterker je je voelt. Natuurlijk kom je niet altijd aan uitgebreid koken toe. Vragen vrienden of familie of ze iets voor je kunnen doen, vraag ze dan om een gezonde maaltijd mee te brengen! En voel je in deze periode niet bezwaard als je af en toe eten bestelt – zeker niet als het iets gezonds is.

Trek iets moois aan

Voel je je fijn in een oude trui en joggingbroek met snelle knot in je haar – niets mis mee. Maar gaat je aanblik in de spiegel je tegenstaan, steek dan iets meer moeite in je outfit. Zelfs al zie je de hele dag niemand behalve je baby en de caissière in de supermarkt, doe tóch even snel mascara op en trek iets aan waar je je mooi in voelt. Gewoon, voor jezelf.

Praat over gevoelens

Het moederschap is nieuw voor jou, maar heel veel vrouwen om je heen zitten er ook middenin of weten nog hoe het was in het begin. Staar je niet blind op hoe zij het lijken te doen (‘goh, zij is alweer veel fitter dan ik’ of ‘mijn hemel, en zij heeft er dríe’) maar wees open over hoe je je voelt en welke dingen je misschien lastig vindt. Je zult zien dat je herkenning en steun ontmoet.

Moeders op het Happinez Festival

Andere moeders kom je overal tegen: bij de kinderopvang, op je werk, in je vriendenkring. Maar hoe vaak spreek je hen over hoe het écht voelt om moeder te zijn? Op het Happinez Festival in mei kun je de workshop Motherheart Circle volgen. Een plek voor vrouwen in alle fases van het moederschap, waar je met elkaar kunt leren te groeien, te helen en te voelen vanuit je moederhart.

Meer lezen?

Als je nou tien kilo kwijt zou zijn, dan zou het leven zóveel leuker zijn. Je zou je fitter voelen, aantrekkelijker, kleding zou beter staan.

Misschien vind je alles in deze zin herkenbaar, behalve dat aantal. Tien? Nou, jij moet minstens 25 kwijt. Of je denkt juist: vijf is wel genoeg. Maakt niet uit, het gaat om het principe: er moet eerst een aantal kilo af voordat het leven écht leuk wordt. Voordat je je goed voelt in je lichaam.

‘Houden van’, dat kan dus

Stand-up-comedian Sofie Hagen dacht er ook zo over. Echt gelukkig zijn met je lijf, dat was voor haar een soort droombeeld – het kón, maar niet zolang haar lijf dik was. Totdat ze ergens op internet een filmpje zag van een dikke vrouw die zei: ik hou van mijn lichaam. Die vijf woorden gooiden voor Sofie alles op zijn kop. Tot op dat moment had ze ‘houden van een lichaam’ nooit als een optie gezien. Maar dat kón dus gewoon.

Affirmaties

Vanaf dat moment was haar leven geen kwestie meer van afwachten. Het was nú, en ze kon alles doen wat ze wilde – daar hoefde ze niet mee te wachten tot haar lijf dunner was. En het ging allemaal heus niet vanzelf, ze vond haar lichaam niet van het ene op het andere moment fantastisch. Stond ze voor de spiegel een poging te doen tot affirmaties (jezelf toespreken met positieve mantra’s over je lijf), dan werd ze er lacherig van. Maar het ging steeds beter, net zo lang tot ze zonder grinniken tegen haar spiegelbeeld kon zeggen: ja, je bent #(#&@#(*&(@ een mooie bloem!

Kijk naar echte lichamen

Volgens Sophie zijn de beelden die je bekijkt van grote invloed op je zelfbeeld. Haar tip: volg op social media alleen nog mensen waar je je sterker door voelt. Kijk naar lichamen in allerlei soorten en maten. Lees boeken over body positivity, luister de podcasts (bijvoorbeeld Blij met je Lijf, of de aflevering van ‘Ongehoord’ met Merel Wildschut), ga naar lezingen zoveel je wilt. Laat je inspireren door anderen.

Geen wedstrijd

Maar maak er geen wedstrijd van, zegt Sophie heel terecht. Maak van ‘houden van je lijf’ niet een nieuw soort móeten dat in de plaats komt van afvallen. Soms lukt het, soms lukt het even niet, en dat is ook oké.

Liefde voor je lijf op het Happinez Festival

Zou je dolgraag wat blijer met je eigen lijf willen zijn? Dan wil je Mayra Louise niet missen op het Happinez Festival. Ze weet als geen ander hoe je ervan overtuigd kunt zijn dat je eerst een paar kilo’s kwijt moet zijn om écht gelukkig te worden. Maar geluk zit niet in je kledingmaat. Op het festival deelt ze haar tips voor meer zelfvertrouwen en vertelt ze hoe ze van haar lijf leerde te houden.

Je hebt vast nog wel een vroege jeugdherinnering van jezelf, vlak na schooltijd. Nietsvermoedend liep je met je beste vriendje op, omdat je dacht dat jullie samen gingen spelen, maar hij bleek met jullie nieuwe klasgenootje afgesproken te hebben. En jij mocht niet mee. Au.

Zulke momenten van afwijzing kunnen veel indruk maken. En als je ze maar vaak genoeg meemaakt, ga je je best doen om ze te voorkomen. Je ziet een fantastische baan, maar schrijft geen sollicitatiebrief, omdat je bang bent dat ze jou toch niet willen. Of je bent knetterverliefd, maar durft niets te doen met dat gevoel – want wat als het niet wederzijds is? Dat zou zoveel pijn doen, je beschermt jezelf liever.

Hoe meer afwijzingen, hoe beter

Ook schrijver en Happinez Festival-spreker Marianne Power kreeg al jong met afwijzing te maken. Het leidde ertoe dat ze als volwassene nog steeds ineenkromp als iemand nee zei. Die momenten ging ze liever uit de weg. Omdat ze zich sowieso niet zo gelukkig voelde, besloot ze een jaar lang elke maand een zelfhulpboek te lezen én ernaar te gaan leven. Een van die boeken was eigenlijk meer een methode: ‘Rejection Therapy’. De gedachte erachter: om te leren omgaan met je angst voor afwijzing, moet je zorgen dat je zo vaak mogelijk afgewezen wordt.

Tien enge dingen

Het werkt een beetje zoals bij angst voor spinnen, slangen of hoogtes: hoe meer je jezelf aan dat Hele Enge blootstelt, hoe meer het went en hoe meer je overtuigd raakt van het feit dat je er ook wel weer overheen komt. Marianne stelde een lijst met vreselijk enge dingen op, waarbij het risico op afwijzing groot was. Tien punten op haar lijst:

  1. Korting vragen in een winkel
  2. Vragen om gratis koffie
  3. Vragen om een gratis maaltijd in een restaurant
  4. Een dag lang glimlachen naar iedereen die je ziet
  5. Vijf mensen op straat begroeten
  6. Een wildvreemde mee uit vragen
  7. In de rij vragen of je voor mag
  8. In een bar of restaurant vragen of je bij een onbekende mag komen zitten
  9. Aan iemand die je bewondert vragen of hij of zij koffie met je wil drinken
  10. In een hotel om een gratis kamer vragen

Marianne werkt niet haar hele lijst af, want het leven komt ertussen: haar liefste oom overlijdt, en daardoor is ze een tijdje flink van slag. Toch is ze achteraf blij met het project. Ze heeft niet alleen een paar angsten overwonnen, maar ook gemerkt dat onbekenden vaak veel vriendelijker reageerden dan ze verwacht had. Haar vertrouwen in zichzelf én in de mensen om haar heen is gegroeid.

Welke tien dingen zet je op jouw lijst?

Marianne op het Happinez Festival

Benieuwd wat je nu echt kunt leren van zelfhulpboeken – van De kracht van het nu (Eckhart Tolle) tot The Secret (Rhonda Byrne) en Fuck it (John Parkin)? Op het Happinez Festival vertelt de geestige Marianne alles over haar ‘zelfhulpjaar’. Wat is geluk eigenlijk? En wat doet er werkelijk toe?

Cleopatra leeft al meer dan 2000 jaar niet meer, Aletta Jacobs is al bijna een eeuw dood en zelfs Frida Kahlo is al 65 jaar niet meer onder ons. En toch kunnen we van hen, en van tientallen andere feministen avant-la-lettre, een les leren waar we nog elke dag wat aan hebben.

Je hoeft maar aan #metoo te denken om te beseffen dat er voor vrouwen nog altijd een wereld te winnen valt. Op zoek naar inspiratie (hoe gingen vrouwen in vroeger tijden om met hun worstelingen?) doken Elizabeth Foley en Beth Coates in de geschiedenis. Ze ontdekten dat er tientallen vrouwen vóór ons waren die tegen precies dezelfde problemen aanliepen (of erger), en ze met verve wisten te verslaan. Al die lessen vind je in het boek Wat zou Cleopatra doen? Levenslessen van 50 uitzonderlijke vrouwen.

Durf op te staan tegen rotzakken

Neem bijvoorbeeld Rosa Parks. Het is nog helemaal niet zo lang geleden dat zij, op 1 december 1955, met de bus naar huis ging. In die tijd was de bus verdeeld in zitplaatsen voor witte en voor zwarte mensen. Het ‘witte deel’ van de bus was vol, en toen er een witte man instapte vroeg de chauffeur Rosa en de mensen in haar rij om op te staan, zodat de man kon gaan zitten. Iedereen stond op, maar Rosa niet. De politie arresteerde haar, en Rosa werd het symbool van een busboycot die werd geleid door dominee Martin Luther King.  Rosa bleef actief in de strijd voor gelijke rechten van zwarte mensen. Zelf zei ze: ‘Je moet nooit bang zijn voor wat je doet als het terecht is.’

Ontdek je eigen stijl

Opgestoken zwart haar met bloemen erin, imposante wenkbrauwen: je ziet haar meteen voor je, Frida Kahlo. Als er iemand een eigen stijl had, dan was het de Mexicaanse schilder. Maar voor haar was kleding, haar en make-up geen kwestie van de buitenkant: het was, naast haar schilderkunst, een manier om zich te uiten. Toen haar been moest worden geamputeerd, ontwierp ze haar eigen rode prothese, versierd met belletjes. Niet voor niets besloot haar grote liefde Diego na haar overlijden dat haar kledingkast vijftig jaar gesloten moest blijven – als symbool van het belang van kleding in haar leven.

Wees blij met je boobies

Ze is in ons land niet zo’n grote naam als pak-‘m-beet Cleopatra of Aletta Jacobs, maar ook van Akiko Yosano kan elke vrouw een waardevolle les leren. De allereerste Japanse dichteres schreef een gedicht over haar borsten. Op een positieve manier: ze is blij met wat er onder haar jurk zit. Nogal bijzonder, aan het eind van de negentiende eeuw. Huwelijken werden vaak nog gearrangeerd, vrouwen werden niet geacht zich openlijk uit te spreken – laat staan over hun vrouwelijkheid. Haar gedicht werd Akiko niet in dank afgenomen, maar 120 jaar later is haar boodschap nog even krachtig.

Zie kwetsbaarheid als kracht

De Betty Ford kliniek is waarschijnlijk de bekendste afkickkliniek ter wereld. En hij heet niet zomaar zo: Betty Ford was niet alleen First Lady (getrouwd met de Amerikaanse president Gerald Ford), maar ook een openhartige vrouw die publiekelijk vertelde over haar verslavingen aan alcohol en pijnstillers. In interviews legde ze uit hoe ze verslaafd was geraakt door de druk van het opvoeden van haar kinderen en haar minderwaardigheidscomplex. Haar eerlijkheid was (en is!) zeldzaam voor iemand met zo’n prominente rol, en maakte het voor vele anderen makkelijker om eerlijk voor hun probleem uit te komen.

Wees blij met je anders-zijn

Van jongs af aan was Rosalind Franklin razend slim. Niet zo gek dus, dat ze aan de prestigieuze universiteit van Cambridge scheikunde ging studeren en daarna onderzoeker werd. Ze speelde een grote rol in het onderzoek naar DNA, dat later zo belangrijk zou worden bij de analyse van ziekten én het ontrafelen van moordzaken. Maar toen in 1962, vier jaar na haar overlijden, de Nobelprijs aan haar mede-onderzoekers werd toegekend, noemde geen van hen haar in zijn dankwoord. Rosalind was namelijk geen allemansvriend geweest: ze was voortvarend, had geen moeite met stevige discussies en zei wat ze vond. Heel opmerkelijk voor een vrouw in een mannenwereld, maar daar had ze zich nooit wat van aangetrokken.

Lees ook…

Geef je jouw leven vaak maar een mager zesje als je het vergelijkt met dat van anderen? Dat deed schrijfster en Happinez Festival-spreker Andrea Owen ook. Tot ze ontdekte dat haar gevoel meer zei over haarzelf, dan over die anderen.

Vriendin A heeft een fantastische baan. Na haar studie heeft ze zich razendsnel opgewerkt naar de plek die ze nu heeft. En jij, tja, je hebt een baan waar je de rekeningen mee kunt betalen. Best wel leuke collega’s, maar niet heel veel uitdaging.

Vriend B heeft een geweldige, liefdevolle relatie met zijn vriend, al vijftien jaar. Hoe doen ze dat toch? Jij bent sinds je laatste serieuze relatie alweer een paar jaar aan het daten, en dat levert je behalve af en toe een korte fling niets op. Blijkbaar ben je geen relatiemateriaal.

En dan vriendin C. Ze heeft een druk leven met drie kinderen, racet de hele week van pianoles via hockeytraining naar balletles, en altijd is ze opgewekt – terwijl jij zónder die kinderen al elke avond uitgeteld op de bank ploft.

Herken je deze gedachtegang een beetje? Dan ben jij er ook goed in: jezelf vergelijken met anderen. Iedereen doet het, in meer of mindere mate. Ermee stoppen is een mooi streven, maar niet zo realistisch, schrijft Andrea Owen in haar boek How to stop feeling like shit –14 manieren om zelfdestructieve gewoonten te veranderen. Maar je kunt wél leren om er niet zo’n rotgevoel van te krijgen.

Focus op het positieve

Op de een of andere manier pakt de vergelijking met een ander zelden positief uit voor jou. Ga maar na: ‘Het komt maar zelden voor dat je verdwaalt in de zee van vergelijkende gedachten en denkt: zo! Blij dat mijn leven/lichaam/huis/relatie zo geweldig is én zoveel beter dan dat van haar.’ En zelfs al was dat wel zo, dan is jezelf vergelijken met anderen nog altijd niet de beste manier om je zelfvertrouwen op te krikken. Want het blijft dan altijd een wedstrijd: om blij te zijn met jezelf, moet je voorlopen op anderen. Om moe van te worden, toch?

Train je trots

Bescheiden zijn wordt in onze cultuur erg gewaardeerd. Trots minder: dat wordt al gauw gezien als opschepperij. En daardoor is het ook best lastig om je trots te vóelen, zonder jezelf daar meteen op aan te spreken (‘verbeeld je maar niks’, ‘anderen zijn hier veel beter in’). Zonde.

Maak eens een lijst van alles wat je hebt bereikt in je leven. Zet er niet alleen je diploma’s op, of welke banen je hebt gehad, maar ook alle vaardigheden die je hebt ontwikkeld (van typen met tien vingers tot superstrak een muurtje schilderen en van mooie verhalen vertellen tot heel goed naar iemand luisteren). En vergeet vooral niet alle dingen die je spannend vond, maar tóch hebt gedaan (van de hoge duikplank springen, een presentatie geven, solliciteren op die baan die je supergraag wilde hebben). Klaar? Nu is het tijd om jezelf die schouderklop te geven. Of zoals Andrea het zegt: ‘Geef jezelf toestemming om te zwelgen in voldoening over wat je hebt bereikt.’

Kies jouw inspiratiebronnen

Sommige dingen doe je omdat je denkt dat het je inspiratie brengt. Superfitte mensen volgen op Instagram, bijvoorbeeld, zoals Andrea lang deed. Of optrekken met een collega naar wie je opkijkt – omdat je ook promotie wilt maken, net als zij al twee keer deed, en omdat zij zo goed voor zichzelf opkomt. Kijk eens kritisch naar jouw inspiratiebronnen, en vraag je af of ze je motiveren of juist demotiveren. Voel je je alleen maar klein of mislukt bij iemand, dan is het geen goede inspiratiebron en kun je beter wat meer afstand houden. Vergelijk jezelf met mensen die je inspireren en motiveren, niet met mensen waar je een rotgevoel van krijgt.

Andrea Owen op het Happinez Festival

Je gewoontes in kaart brengen is één ding, ze in iets positiefs veranderen is een tweede. Op het Happinez Festival legt Andrea uit hoe je dat doet. Ze vertelt op een persoonlijke manier, met empathie én milde zelfspot.

Verbaas je jezelf er soms over dat er alweer een week voorbij is? En zou je graag wat meer ‘in het moment’ willen leven, maar weet je niet hoe? Goed nieuws: het kan ook in kleine stapjes. En leuk. Dat laat Happinez Festival-spreker Jocelyn de Kwant zien.

Bij mindfulness denk je misschien aan de oefening met de rozijn, waarbij je het vruchtje rustig van alle kanten bekijkt, besnuffelt en voorzichtig proeft. Of aan meditatie, rustig op een matje. Maar het kan op honderden manieren. In het boek ‘Creative flow – 365 dagen mindfulness’ geeft schrijver en journalist Jocelyn de Kwant voor elke dag (!) een oefening.

Schrijver en journalist Jocelyn de Kwant botste op haar vijfentwintigste keihard tegen haar eigen grenzen op. Tijdens haar burn-out kon ze weinig meer dan uitrusten. Maar in die periode ontwikkelde ze ook een paar gewoonten die ze, toen ze eenmaal weer was opgekrabbeld, absoluut wilde volhouden. Vaak waren het dingen uit haar kindertijd. Knutselen, tekenen, stukjes schrijven voor zichzelf.

Veel meer dan een beetje tijd, een pen en kleurpotloden heb je er niet voor nodig. Voelt het een beetje kinderachtig om weer aan de eettafel te gaan zitten tekenen? Dat is juist goed, zegt Jocelyn: ‘Soms moet je je gewoon weer even die zevenjarige voelen en je nergens druk om maken.’ Dit zijn een paar tips uit haar boek.

Naar buiten

De natuur maakt bijna automatisch mindful, want buiten zijn brengt rust en afleiding, ruimte in je hoofd. Je geniet van de blauwe lucht, ziet de kersverse krokusjes opkomen, voelt hoe een nieuw seizoen zich aandient. Vind je het toch lastig om uit je hoofd te komen in het bos of de achtertuin? Teken eens heel precies een blad na, een paddenstoel of een lammetje (gewoon, met je tekenboek in het gras).

Ontwikkel oog voor detail

Hoe drukker of saaier je dagen doordeweeks zijn, hoe meer je geneigd bent toe te leven naar het weekend. Die maandag tot en met vrijdag moet je even door, maar dán wordt het leven weer leuk. Best zonde van die vijf dagen, toch? Volgens Jocelyn kun je veel meer uit ‘gewone’ dagen halen, door van de kleine dingen te genieten. Het helpt om je te richten op één ding tegelijk. Ben je aan het afwassen, dan richt je je daarop. Investeer in de plekken waar je vaak bent, en maak ze zo aangenaam mogelijk. Teken bijvoorbeeld een plattegrond van je woonkamer, en bedenk wat je eraan kunt veranderen. Ook een goede tip: maak een dagelijks ritueel van dankbaarheid. Schrijf aan het eind van de dag op waar je dankbaar voor bent, hoe klein het (op een rotdag) ook was. Zo krijg je steeds meer oog voor wat je gelukkig maakt.

Herwaardeer je lijf

Hartstikke fijn dat je hoofd je de hele dag op slimme ideeën en geweldige plannen brengt. Maar ben je je er ook van bewust hoe slim je lichaam is? Het vertelt je precies hoe het met je gaat – alleen in een andere taal. En het kan je helpen om je mentaal beter te voelen. Houd bijvoorbeeld eens bij op welke momenten van de dag je de meeste energie hebt, en op welke momenten de minste. Als je dat weet, dan kun je er slim mee omgaan: even pauzeren wanneer je lampje uit is, en juist meters maken wanneer je energie op z’n piek is. Een goede manier om naar je lijf te leren luisteren, is regelmatig een bodyscan doen. Ga op de grond liggen en denk, bij elke ademhaling, aan een deel van je lichaam – je begint bij je tenen en gaat via je enkels naar boven, tot je kruin. Hoe voelen je knieën, en hoe je vingertoppen?

Focus op het moment

Meer in het moment zijn klinkt prettig, maar ook nogal abstract. Met kleine oefeningen kun je leren meer op het nú te focussen. Ga bijvoorbeeld eens zitten en schrijf op welke geluiden je nu hoort. Welke geluiden kun je allemaal onderscheiden? Of stel je voor dat je vanuit een ander sterrenstelsel op deze plek bent beland, een seconde geleden. Wat zie je allemaal om je heen, wat valt je op?

Jocelyn op het Happinez Festival

Als journalist Jocelyn de Kwant eerder in haar leven mindfulness had leren kennen, had ze misschien nooit een burn-out gekregen. Dan had ze vaker kunnen ontspannen en meer innerlijke rust gekend. Dat schrijft ze in de inleiding van haar pas verschenen boek ‘Creative flow, 365 dagen mindfulness’. Op het Happinez Festival laat ze je in haar workshop mindfulness zien hoe je door middel van eenvoudige oefeningen de automatische piloot bij jezelf uitzet en je je creativiteit weer kunt prikkelen. De eerste stap naar een meer mindful leven!

Wie past bij jou? Misschien kunnen de menstypes je dat duidelijk maken. Als je al een tijdje aan het daten bent, maar vaak op iemand stuit die toch niet écht bij je past (of zelfs helemaal niet), kan het handig zijn te weten wat jouw menstype is – en welk type daar het beste bij aansluit.

Natuurlijk weet je vaak binnen een paar seconden of iemand je aantrekt of niet. Je weet welk uiterlijk je aanspreekt, en welke karaktereigenschappen. Maar heb je ook weleens meegemaakt dat iemand je dan toch lelijk tegenviel, of dat het uiteindelijk niet liep tussen jullie?

Tijd besparen

Volgens Monica Wardenaar kunnen de menstypes je dan helpen meer inzicht te krijgen in wie er bij je past. In haar boek ‘Jij past echt bij mij’ legt ze uit waarom dat handig is: het bespaart tijd, want je hoeft niet meer in het wilde weg te daten en kunt beter inschatten of iemand relatiemateriaal zou kunnen zijn.

Optimale match

De typologie, gebaseerd op het enneagram, gaat er vanuit dat er 13 menstypes zijn die elk één optimale ‘match’ hebben. De menstypes hebben allemaal zo hun eigen uiterlijk en karakter, al past natuurlijk niemand 100 procent binnen een type.

Welk type ben jij?

Er zijn zeven ‘klassieke’ types, en zes gecombineerde types, die een mengvorm zijn tussen klassieke types. In welk type herken jij je het meest? Als je dat weet, weet je ook welk type het beste bij jou past. Overigens kan eenzelfde type (dus: een Jupiter met een Jupiter) vaak ook een goede match zijn.

Maan

Meestal klein en smal, geen atletische bouw. Naar binnen gekeerd, wat dromerige uitstraling. Rustig, afwachtend, negatieve instelling. Past goed bij Saturnus.

Venus

Juist een voller figuur. Iemand met een vriendelijke, uitnodigende uitstraling. Vaak bredere heupen dan schouders, ook bij mannen. Niet heel aanwezig, maar wel open en zachtaardig. Rommelig, neemt niet makkelijk besluiten. Past goed bij Mars.

Mercurius

Klein, smal en krachtig, vaak atletisch gebouwd. Beweegt snel, praat levendig en is snel enthousiast. Niet iemand die zich snel aan je bindt. Sociaal, is niet graag alleen. Past goed bij Jupiter.

Saturnus

Zie je de Saturnus in een groep, dan is-ie moeilijk te missen. Niet eens zozeer vanwege zijn postuur, maar vooral door zijn manier van doen: een beetje statig en afstandelijk. Vaak lang, met een rechte houding. Serieus, behoudend, vindt regels belangrijk. Past goed bij Maan.

Mars

Klein, met een krachtige, wat brede bouw. Iemand die houdt van avontuur en het initiatief neemt om eropuit te gaan. Temperamentvol en recht door zee, maar ook openhartig en trouw. Past goed bij Venus.

Jupiter

Rond en zacht, zwaarder in het bovenlichaam dan in de benen. Geneigd om wat te zwaar te zijn. Gezellig, vrijgevig en zorgzaam. Passief, maar met een positieve levensinstelling. Past goed bij Mercurius.

Zon

Staat in het midden van het enneagram, want de Zon is een bijzonder symbool. Hij komt weinig voor, en is vaak moeilijk te onderscheiden. Het is vaak een toevoeging aan een ander type: iemand is bijvoorbeeld Venus met trekken van de Zon. Om te zien vaak klein en fragiel, qua karakter creatief, gevoelig en ongeduldig. Positief ingesteld. De Zon kan bij verschillende menstypes passen, maar het allerbeste bij een andere Zon.

Meer lezen?