ecommerce, Author at Happinez

Hofjes, grachten, oude stadspoorten: Leiden is een van de meest sfeervolle steden van Nederland. Tussen het winkelen door kun je je vergapen aan al het moois dat de stad al eeuwen te bieden heeft.  Dit zijn de fijnste plekjes van Leiden.

Neuzen tussen de mooiste serviezen, keukenspulletjes en sieraden

Een van de mooiste winkels van Leiden is Van Manen aan Tafel, een concept store avant la lettre (want hij bestaat al vijftien jaar). Behalve mooi servies, linnen en keukenspullen kun je er ook bijzondere sieraden kopen én verse bonbons, broodjes en taartjes. Klinkt misschien als een wonderlijke combinatie, maar als je in de winkel staat voel je dat het klopt.

Van Manen aan Tafel, Hogewoerd 6-8.

Gek op vintage? Dan wil je Kleedvermaak niet missen

Hou je er van om vintage vondsten te doen, ga dan zeker even kijken bij Kleedvermaak. Je vindt er tweedehands kleding voor mannen en vrouwen, maar ook unieke producten van lokale creatieve ondernemers. Kleedvermaak is een pop-upstore, die steeds weer ergens anders in de stad opduikt. Op dit moment zit de winkel aan het begin van de Haarlemmerstraat, de grootste winkelstraat van de stad.

Kleedvermaak, Haarlemmerstraat 40.

Laat je meevoeren door verhalen uit alle windstreken in het Museum Volkenkunde

Voor een middelgrote stad heeft Leiden ontzettend veel mooie musea. Het Museum Volkenkunde bijvoorbeeld, een ‘museum over mensen’, vol bijzondere voorwerpen die verhalen uit alle windstreken vertellen. Tot en met 3 juni kun je er nog een bijzondere sieradenexpositie zien, die niet alleen duidelijk maakt hoe mensen zich overal ter wereld versieren, maar ook wat het verhaal is van de makers en hun techniek. Andere aanraders: Naturalis, het natuurhistorisch museum van Leiden, en Japanmuseum het Sieboldhuis.

Museum Volkenkunde, Steenstraat 1.

Lekker mediterraan lunchen bij Midi

Tijd voor lunch? Bij de hartelijke uitbaters van Midi haal je de heerlijkste mediterrane broodjes, soepen en tajines. Denk aan saffraanbrood met huisgemaakte humus en gegrilde paprika, tomatenbrood met gedroogde-tomatentapenade en aubergine of harirasoep. Midi biedt alleen take-away, maar opeten doe je bijvoorbeeld in het nabij gelegen Van der Werfpark.

Midi, Gangetje 10.

Wandelen tussen het mooiste groen in de oudste hortus van Nederland

Een andere plek waar het goed toeven is in het groen, is de grote hortus botanicus, die midden in de stad ligt. De Leidse hortus is de oudste botanische tuin van Nederland, aangelegd in 1590. Je kunt er even opladen in de mooi aangelegde tuinen (zoals de Japanse kruidentuin, of het doolhof-achtige rosarium), of bij mooi weer in het zonnetje zitten en een boek lezen op een van de bankjes.

Hortus botanicus, Rapenburg 73.

Ansichtkaartjes versturen met een latte in je hand

In het sfeervolle Jugendstil-café Francobolli kun je genieten van een goede cappucino of latte. Maar het leukste aan Francobolli –Italiaans voor ‘postzegels’- is dat je er een mooi ansichtkaartje kunt kopen en versturen. Je schrijft het terwijl je geniet van je koffie, gebakje of broodje, en geeft je kaart bij de medewerkers af. Of ie nu naar Australië moet of naar Assen, dat maakt niks uit, en je kunt je kaarten voor het hele jaar versturen – ze stoppen de kaart op de juiste datum in de grote verzendwand. Handig als je vergeetachtig aangelegd bent.

Francobolli, Apothekersdijk 38.

Voor als je de natuur in je huis wilt brengen: Wonderful Nature

Bij Wonderful Nature draait alles om de natuur: van opgezette dieren (die allemaal een natuurlijke dood gestorven zijn) tot bijzondere veren en fossielen, maar ook keramieken vaasjes, boeken, mooie houten borden en glaswerk. Een ‘verwonderwinkel’, noemen de eigenaren het zelf.

Wonderful Nature, Breestraat 114c.

Waan je even in vroeger tijden in het Pieterskwartier

Een van de oudste wijken is ook meteen een van de meest sfeervolle plekken van de stad: het Pieterskwartier. In de wijk rondom de Pieterskerk is het fijn neuzen in kleine winkeltjes en gezellig biertjes drinken in de kroegen, maar eigenlijk kun je je er minstens zo goed vermaken zonder daar naar binnen te gaan. In de gemoedelijke straatjes voelt het een beetje alsof je een eeuw of twee terug in de tijd wordt geworpen.

Vanaf de Breestraat loop je zo het Pieterskwartier in.

De lekkerste vega(n) burgers van Leiden

Wil je de dag afsluiten met een lekkere vega(n) burger, dan kun je prima terecht bij Mix & Fix. Je vindt er maar liefst zes (semi-)plantaardige burgers, zoals de Japanse zeewierburger met shiitake en avocado en een Indiase rode-linzenburger. Wil je liever iets lichters eten, dan is de Popeye-salade, met verse spinazie, feta, avocado en geroosterde amandelen een aanrader.

Mix & Fix, Vrouwensteeg 7a.

Nieuwe vrienden maken gaat niet vanzelf, maar als je deze tips volgt, lukt het zeker.

Vriendschappen zijn ongelooflijk belangrijk voor ons geluksgevoel en voor onze gezondheid. Kom jij, als je om je heen kijkt, tot de conclusie dat het kringetje om jou heen best klein geworden is? Doe er dan iets aan. Nieuwe vrienden maken gaat niet vanzelf, maar als je deze tips volgt lukt het zeker.

Doe wat je leuk vindt

Gemeenschappelijke interesses zijn een belangrijke voorwaarde voor een vriendschap. Neem dus als uitgangspunt wat jij leuk vindt om te doen. Hou je van musea, ga dan op zoek naar een clubje dat samen exposities bezoekt. Ben je gek op dansen, neem dan salsales en vind daar gelijkgestemde zielen. Als je iets doet waar je plezier in hebt, heb je het sowieso al naar je zin en ben je niet alleen bezig met de vraag ‘klikt het met deze mensen’. Contact leggen gaat dan vanzelf.

Vertel anderen dat je op zoek bent

‘Op zoek’, dat klinkt misschien een beetje wanhopig, en wanhopig is natuurlijk wel het laatste wat je wilt zijn. Het is de kunst die gedachte (en dat oordeel over jezelf) los te laten. Er is niks mis mee om je vriendenkring uit te willen breiden. Vriendschap is belangrijk in een mensenleven, het draagt zelfs bij aan je gezondheid –evenveel als stoppen met roken! Vertel je vrienden en familie dus dat je graag nieuwe mensen wilt leren kennen. Ze komen vast met tips, nodigen je uit om mee te gaan wanneer ze iets leuks gaan doen met andere vrienden. Vrienden van vrienden zijn vaak leuke mensen.

Haal verwaterde vriendschappen aan

Die studievriendin waar je het vroeger zo leuk mee had, die vriend waar je een paar jaar geleden nog vaak mee naar concerten ging: stuur ze gewoon een berichtje en stel voor om weer eens bij te praten. Je merkt vanzelf of de klik van vroeger er nog is. Misschien blijft het bij een leuke middag of avond, maar het kan ook zomaar dat je zo een oude vriendschap aanhaalt.

Blijf eisen stellen

Woon je net in een nieuwe stad, is je relatie uit of voel je je om een andere reden best alleen, dan zijn er misschien momenten dat iedere vorm van gezelschap een verademing lijkt. Tuin er niet in, blijf kritisch. Vriendschappen zijn alleen een aanvulling in je leven als er een klik is. Bovendien hoef je geen tientallen vrienden te hebben, kwaliteit is veel belangrijker dan kwantiteit.

Stap uit, jawel, je comfort zone

Als je zo iemand bent die keuzes eindeloos afweegt (aan de ene kant… maar aan de andere kant…) daag jezelf dan eens uit om een tijdlang ‘ja’ te zeggen op alle afspraken en evenementen die er langskomen. Ga mee wanneer je collega’s na het werk nog wat gaan drinken, ook al ben je moe of twijfel je hoe welkom je bent. Mits het leuke mensen zijn, natuurlijk.

Doe het rustig aan

Met nieuwe vrienden maken is het net zoals met het vinden van een nieuwe relatie: als je te hard je best doet, gaat het moeizaam. Straal je uit dat je iemand graag als nieuwe beste vriend wilt, dan kan die beoogde BFF daar een beetje van schrikken. Neem de tijd om elkaar beter te leren kennen, en leg de lat niet te hoog. Go with the flow.  Neem je voor om nieuwe contacten te maken en leuke mensen te ontmoeten, niet om meteen een nieuwe beste vriend te vinden.

Er was eens een plek waar mensen gezond en vrolijk stokoud worden. Waar westerse welvaartsziekten nauwelijks voorkomen. Een plek waar mensen maar liefst drie keer zoveel kans hebben als wij om honderd te worden. Wat is het geheim van de kerngezonde, gelukkige en zeer oude mensen die daar wonen?

Schrijver en onderzoeker Dan Buettner bezocht vier gebieden in verschillende werelddelen, waar de bewoners gemiddeld ouder worden dan elders: Sardinië (Italië), Okinawa (Japan), Nicoya (Costa Rica) en in Loma Linda (Verenigde Staten). De ‘Blauwe zones’ worden ze door wetenschappers genoemd – heel simpel omdat op de wereldkaart waarop de onderzoekers hun bevindingen aantekenden, deze gebieden met een blauwe viltstift waren omcirkeld… Kunnen wij iets van de bewoners van deze gebieden leren?

Je hoeft niet te verhuizen naar de andere kant van de wereld om je kansen op een lang leven te vergroten, concludeerde Buettner. Wel heeft het te maken met leefgewoonten en de manier waarop je in het leven staat. Op basis van gesprekken en ervaringen kwam hij tot negen inzichten om je levensduur mogelijk te kunnen vergroten.

1. Blijf in beweging

100-plussers in de Blauwe Zones doen allemaal aan regelmatige lichaamsbeweging.

– Neem de trap in plaats van de lift, schaf afstandsbedieningen af, pak de fiets in plaats van de auto.

– Beweeg met plezier: ga niet naar de sportschool als je daar een hekel aan hebt.

– Ga tuinieren. Spitten en wieden: tuinieren vereist zeer diverse lichaamsbeweging en werkt stress verlagend.

2. Eet gematigd

Als een soort gebed voor het eten prevelen de bejaarden in Okinawa [hara hachi bu], een confuciaanse spreuk die betekent: ‘eet tot je tachtig procent vol zit’. Hoe je weet of je op tachtig procent zit? Simpel: je stopt als je geen honger meer hebt. Die extra twintig procent is precies het verschil tussen aankomen of afvallen.

– Schep het eten op en zet daarna de schalen in de keuken. Zo ben je minder snel geneigd een tweede keer op te scheppen.

– Maak het volume van het eten groter: Een smoothie die extra opgeklopt is, geeft sneller een verzadigd gevoel.

– Gebruik kleine borden. Op een groot bord schep je meer op.

– Eet langzaam en met aandacht, dan geniet je er ook echt van. Ga er echt voor zitten.

– Eet vroeg op de dag het meest uitgebreid: alle inwoners van de Blauwe Zones eten de grootste maaltijd al voor de middag. De rest van de dag heeft je lichaam tijd om het eten te verbranden.

3. Eet minder vlees, meer groente en fruit

De hoogbejaarden in de Blauwe Zones eten weinig vlees. Bij iedere maaltijd eten ze minstens twee soorten groente en tussendoor veel fruit.

– Eet niet meer dan twee keer per week vlees, in porties die niet groter zijn dan een pakje kaarten

– Zorg voor goedgevulde fruitschalen overal in huis

– Zet bonen en noten op het menu. Bonen zijn een belangrijk voedingsmiddel in de Blauwe Zones. Studies hebben aangetoond dat het eten van alle soorten noten de levensverwachting verhoogt.

4. Drink goede wijn

Een of twee alcoholische consumpties per dag lijkt de kans op hartaandoeningen, stress en chronische ontstekingen te verlagen.

5. Vind een levensdoel

Of het nu een baan is, een hobby, de zorg voor andere mensen of liefde voor je kinderen: het hebben van een levensdoel werkt stressverlagend, houdt de hersens scherp. Het is belangrijk om ’s morgens een reden te hebben om op te staan.

– Formulier een persoonlijke missie. Waar loop je voor warm? Waar sta je ’s morgens voor op? Bedenk wat echt belangrijk voor je is.

– Bespreek je plannen met anderen. Laat je stimuleren en adviseren door mensen.

– Scherp je brein door iets nieuws te ondernemen.

6. Ban stress uit je leven

Tijd nemen om te genieten en uit te rusten, dat is een van de belangrijkste lessen uit de Blauwe Zones.

– Breng zo min mogelijk tijd door met tv, radio en internet. Het geeft zoveel drukte en leidt af van het werkelijke leven.

– Mediteren geeft rust. Houd een plek in huis rustig en ga daar iedere dag even mediteren, alleen of met anderen.

7. Sluit je aan bij een geloofsgemeenschap

Alle honderdplussers in de Blauwe Zones zijn lid van een geloofsgemeenschap. Gebleken is dat religie het aantal levensjaren vergroot. Welke religie, dat maakt niet uit. Gelovige mensen hebben vaak een groter gevoel van eigenwaarde en ontlenen houvast aan de voorschriften van hun religie.

8.Houd je familie in ere en wees zuinig op goede vrienden

In alle Blauwe Zones zijn de familiebanden sterk en hecht. De zorg voor familie is vanzelfsprekend bij deze honderdplussers: zij waren altijd toegewijd aan hun kinderen en nu beantwoorden kinderen en kleinkinderen hun liefde en zorg.

– Doe dingen samen. Sta erop dat minstens eenmaal per dag gezamenlijk wordt gegeten en neem de tijd voor gesprek. Zorg voor een ‘wij-gevoel’.

– Maak een familiealtaar. Een wand of een tafel waar foto’s en andere herinneringen aan overleden dierbaren een plaats krijgen.

De inwoners van de Blauwe Zones gebruiken hun religie om met elkaar delen. Dit zorgt voor grote sociale verbondenheid: mensen steunen elkaar wanneer dat nodig is. Onderzoek aan de universiteit van Harvard heeft aangetoond dat er een verband is tussen sociale verbondenheid en levensverwachting: mensen met de meeste sociale banden bleken twee of drie jaar langer te leven.

– Omring je niet met mensen die aanzetten tot negatief gedrag,

– Investeer in vriendschappen. Ontmoet elkaar regelmatig, onderneem dingen samen.

Als een goede vriend(in) in de put zit, gebruiken we liefdevolle, troostende woorden om diegene op te beuren. De meeste mensen zijn voor anderen veel milder dan voor zichzelf en dat is zonde, want het leven wordt een stuk lichter en liever met een gezonde dosis zelfcompassie.

Zoals goede vrienden situaties meemaken waarin ze jou hard nodig hebben, zijn er ook genoeg momenten waarop jij jezelf heel hard nodig hebt. Als je een misser had op je werk bijvoorbeeld, of een woordenwisseling met je partner die een onrustig gevoel opwekt. Als een vriend(in) tijdens zo’n baalmoment bij jou komt, ben je waarschijnlijk troostend en begripvol. De kans is groot dat je spreekt in geruststellende, positieve bewoordingen. Probeer nu in gedachten eens terug te gaan naar een moment dat jij zelf in de put zat. Gebruikte je toen ook zulke opbeurende woorden, of ging dat er anders aan toe?

Waarschijnlijk het laatste, als je lijkt op de meeste mensen. Over het algemeen vinden mensen het makkelijker om vriendelijk te zijn voor een ander dan voor zichzelf. Op de momenten dat we vriendelijke, lieve woorden het hardst nodig hebben, zijn we vaak hard, streng een heel kritisch op onszelf.

Natuurlijk weten we stiekem wel dat een beetje mildheid ons veel harder brengt dan perfectionisme en zelfkritiek. Toch is het vaak moeilijk om daar in de praktijk ook echt mee aan de slag te gaan. In onze maatschappij bestaat nog steeds het idee dat geluk iets is dat buiten onszelf ligt. Een mooi huis, fijne relatie, leuke kinderen, uitdagend werk. Voortdurend streven we naar niets minder dan perfectie en proberen we alle ballen in de lucht te houden. Maken we een misser of hebben we een baalmoment? Dan spreken we onszelf streng toe en zo worstelen en struikelen we onze dagen door – zoekend naar dat ultieme geluk, dat we nooit helemaal lijken te vinden. De sleutel tot geluk ligt namelijk niet buiten onszelf, maar zit in onszelf.

Als het in onze binnenwereld vredig, mild en kalm is, zal de wereld om ons heen dat ook worden. Wie zich daarvan bewust wordt, heeft de eerste stap richting meer zelfcompassie al gezet. Bewustwording is immers de eerste stap richting verandering. Omdat we jarenlang geconditioneerd zijn onszelf in harde bewoordingen toe te spreken, kan de geest niet van de ene op de andere dag veranderen. Dat vraagt een heleboel oefening en geduld. De reis naar meer zelfcompassie is zeker geen makkelijke – maar wel één die heel erg de moeite waard is.

Dit helpt je een klein beetje op weg

1. Bewustwording is de eerste stap naar verandering

Probeer jezelf elke dag uit te dagen je interne dialoog uit positieve, bemoedigende woorden te laten bestaan. Vaak zijn we ons niet eens bewust van de manier waarop we onszelf toespreken. De volgende oefening kan je daarmee helpen. Schrijf op wat je tegen een goede vriend(in) zou zeggen als hij of zij een grote fout heeft gemaakt. Wat zou je zeggen? En op wat voor toon? Wanneer je klaar bent, doe je precies hetzelfde, alleen richt je je dan tot jezelf. Vaak zit er een groot verschil tussen de twee geschreven teksten.”

2. Wees mild voor jezelf (en ontdek waar jouw behoeftes liggen)

Elke persoon is anders en heeft heel persoonlijke behoeften als het op positief denken aankomt. Zoek wat voor jou belangrijk is en maak daar positieve mantra’s van. Ben je enorm perfectionistisch op je werk, onthou dan dat ‘fouten maken mag’. Het is geen ramp als je fouten maakt of niet perfect bent, sterker nog: dat maakt je waarschijnlijk een veel leuker persoon dan als alles vanaf geboorte van een leien dakje zou gaan. Nog een voorbeeld: ben je heel gevoelig en zou je willen dat anderen je niet zo konden raken met hun woorden? Denk dan ‘ik ga dingen makkelijker van me af laten glijden’ in plaats van ‘ik ga me niet zo snel laten raken’. Het lijkt een klein verschil, maar kan enorm helpen om wat liever voor jezelf te zijn.

3. Oefening baart kunst (dus gun jezelf wat tijd)

Wanneer je je bewust bent geworden van de manier waarop je jezelf toespreekt, kun je het veranderen. Dat gaan niet snel en is een kwestie van oefenen, oefenen, oefenen. In het begin voelt dat misschien geforceerd en onwennig en kost het nog veel moeite. Toch zul je uiteindelijk merken dat vriendelijke, milde woorden een grotere plek in je vocabulaire zullen gaan innemen, net zolang tot het als vanzelf gaat.

Bron: ‘Hartvol’ – Marlous Kleve

Dat is advies waar we graag naar luisteren. 

 

Ik ken helemaal niemand die ‘goed’ met zijn smartphone kan omgaan. Steeds opnieuw worden we verleid om uit het echte leven te stappen, en even te kijken. Toch blijven we het proberen. Misschien werkt dit.

Een groep met oud-Silicon Valley medewerkers, mensen afkomstig van Facebook, Google en Apple, komen in verzet tegen de gevolgen van technologie en social media. Ze hebben een centrum opgericht tegen de verslavende gevolgen van technologie en willen op 55.000 Amerikaanse scholen voorlichtingscampagnes geven. Dat de mensen die aan de wieg stonden van de apps en de apparaten waar we allemaal verslaafd aan zijn eigenlijk helemaal geen voorstander zijn van die apparaten, is niet nieuw. Uit de New York Times wisten we al dat Steve Jobs zijn eigen kinderen zoveel mogelijk weghield van de iPad. De voormalig hoofdredacteur van WIRED (het grootste Amerikaanse blad over technologie) schijnt thuis heel strikt te zijn geweest met de maximaal-één-uur-per-dag-regel voor zijn kinderen.

Hedendaags dilemma

Hoe meer je weet, des te beter weet je misschien ook hoe schadelijk het is. Het is een blijvend dilemma (ik vermoed in ieder modern gezin?): hoeveel minuten/uren per dag mogen de kinderen op hun telefoons of iPads? In hoeverre tast het hun ogen aan? Hun creativiteit? En jij zelf, hoeveel uur mag jij? Iedereen weet dat je het moet beperken want het vervuilt onze geest en maakt ons minder aandachtig. Talloze tips worden geschreven maar nooit hoe je ze volhoudt. Als mijn zoon YouTube-video’s bekijkt (een van zijn grootste hobby’s) verdwijnt hij als het ware in zijn scherm. Ik zie het gebeuren en dan vraag hem: ‘Wil je weer terug op aarde komen?’ En ja, die vraag krijg ik natuurlijk direct terug als ik even later zelf best wel lang op mijn telefoon kijk.

Grote verleiding

Op vakantie lukt alles altijd beter dus ook je telefoon vergeten. Expres thuislaten omdat je niet wilt dat er zand in komt. Op vliegtuigstand zetten omdat je toch geen Wi-Fi hebt. Maar in het dagelijks leven is het de meeste aanwezige uitdaging van deze tijd, van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat loert het apparaatje naar je, verleidt het je, piept het, trilt het of knippert het gemoedelijk. ‘Kom even met me zitten, rust even uit met me! Ik ben gezellig! Ik laat je mooie foto’s zien, leuke berichtjes, ik weet van alles, ik geef je liefde, je krijgt geen spijt!’

Weerstaan is moeilijk. De apps van Facebook en Twitter heb ik allang weggegooid, en van mails krijg ik geen notificaties op mijn telefoon. Maar op Instagram kijk ik wel dertig keer. Laatst was ik het ding kwijt en betrapte ik mezelf op de gedachte: oh, lekker rustig, het is even voorbij.

Aandachtig leven

Hoe kun je van zo’n apparaatje houden, en toch aandachtig leven? Ik denk toch af en toe het internet uitzetten. Laten we doen alsof we boven de wolken vliegen, op weg naar een onbekende toekomst, telefoon op vliegtuigstand anders stoort het de reis. Straks, als we er zijn, mag die weer aan.

Wat kun je in het dagelijks leven allemaal doen om de aarde minder te vervuilen? Pauline Bijster probeert het, en schrijft over deze duurzamheids dilemma’s.

Huisfilosofe Lisette Thooft onthult in zes stappen het geheim van levenslust.

Levenslust is de zinderende zin en bereidheid om je leven te leven. En geen enkel leven is alleen maar feest. Er zijn altijd momenten van stress, ongemak, en frustratie. Je ontkomt er niet aan. Er is niets onnatuurlijks aan om je af en toe níet levenslustig te voelen.

Levenslust heb je als je kunt voelen dat je midden in die stroom staat, dat je erbij hoort. Stroomt er helemaal niks… dan ben je je levenslust kwijt. Wanhoop niet. Om weer los te komen, heb je niet veel nodig.

Stap 1: Adem je vrij

Veel mensen ademen te snel; het gevolg is een gejaagd en onrustig gevoel. Je adem inhouden als het spannend wordt, zorgt voor stress. Daarnaast zijn er de niet-ademers: die hun adem op moeilijke momenten zo stil mogelijk houden om maar niet te veel te voelen. Rustig en bewust doorademen helpt om je beter te voelen, om meer aanwezig te zijn.

Stap 2: Verbind jezelf met de natuur

Ga de natuur in. In de natuur streeft alles naar groei en bloei. Verbind je ermee. Ga naar buiten, ga wandelen, tuinieren, sterren kijken en voel hoe je deel bent van de natuur.

Stap 3: Ga rommel uit de weg

Ruim iets op. Het maakt niet uit wat het is. Een laatje uitruimen of je bureau, je handtas of de schuur. Zo buiten, zo binnen: wat je in de materiële werkelijkheid verheldert, geeft een opgeruimd gevoel.

Stap 4: Ontdek iets nieuws

Verander een gewoonte, doe iets nieuws. Als je rechts bent, ga dan allerlei dingen doen met je linkerhand. Of andersom. Probeer een andere weg naar je werk. Alles wat nieuw is in je leven stimuleert je innerlijke fontein.

Stap 5: Wees creatief

Maak iets, creëer. Schik een groot boeket, bak een taart os schrijf een gedicht… Je eigen creatieve vermogens aanboren is ook een ingang naar de bron van alle creativiteit.

Stap 6: Coun’t your blessings

Waardeer de kleine dingen. Wat is die boterham met kaas eigenlijk lekker. Wat een lief mailtje kreeg ik. En ineens kijk je spontaan naar boven, naar de blauwe hemel waarin een paar romige stapelwolken drijven en vogels rond dartelen, één en al levenslust.

Met deze tips vind ook jij je ikigai.

Je Ikigai, dat is een woord dat je hele leven omvat. Het is wat richting en betekenis geeft aan je bestaan en wordt vaak samengevat als ’dat waarvoor je ’s morgens je bed uit komt’. Maar wat nou als je ’s morgens veel liever blijft liggen? No worries. Met deze tips vind ook jij je ikigai.

Iemand die veel deed om het concept van ikigai in het westen bekend te maken, is Dan Buettner van National Geographic. Hij deed onderzoek naar hoe mensen gezond honderd kunnen worden en bezocht daarvoor onder meer het Japanse eiland Okinawa – een van de zogenaamde ‘blauwe zones’ waar mensen gezond een hoge leeftijd bereiken.

In zijn TED-lezing geeft Buettner aantal voorbeelden van antwoorden die de gelukkige en gezonde 100-jarigen op Okinawa gaven op de vraag ‘Wat is uw ikigai?’. Voor een 102 jarige karateleraar was zijn ikigai het voortzetten van zijn vechtkunst. Een honderdjarige visser gaf als antwoord: het vangen van vis voor zijn familie. Voor een vrouw van 102 was het haar achter-achter-achterkleinkind. Toen Dan haar vroeg hoe het voelde om het kind vast te houden, zei ze: ‘Het is alsof je de hemel in springt.’

Vier componenten

De laatste jaren verscheen er een aantal boeken over ikigai, onder meer van Francesc Miralles en Héctor García. Hun bestseller ‘Ikigai’ is nu opgevolgd door ‘Vind je Ikigai,’ dat verder ingaat op de vraag hoe je nu eigenlijk kunt achterhalen wat je eigen ikigai is. Want voor sommige mensen is dat is dat van jongs af aan al duidelijk. Maar er zijn zat mensen die ’s morgens níet vol levenslust hun bed uitspringen. Hoe achterhaal je dan je ikigai?

Volgens Miralles en García zijn daarbij vier componenten belangrijk.

1. Waar je van houdt

Maak bijvoorbeeld deze zin af: Ik voel me gelukkig als…

2. Wat de wereld nodig heeft

De ‘wereld’ kan je geliefde zijn, je kinderen of je collega’s.

3. Waarvoor je betaald kunt worden

Het gaat niet alleen om het werk waarmee je nú je geld verdient, maar ook om waarmee je in de toekomst graag je geld zou willen verdienen.

4. Waar je goed in bent

Begin je antwoorden met Ik ben goed in… en schrijf op wat je zelf denkt (dus niet wat anderen vinden).

Je ikigai bevindt zich dus precies waar deze vier segmenten van je leven elkaar overlappen. Als je hebt ontdekt wat je Ikigai is, kun je ook actie gaan ondernemen om je ikigai een grotere rol te laten spelen in je leven. Klinkt nog steeds ongrijpbaar? Een mooi voorbeeld van iemand die z’n ikigai vond, is de Italiaanse dierenarts Massimo Vacchetta, die niet wist wat hij met z’n leven aan moest, tot iemand hem vroeg om een paar dagen voor een baby-egeltje te zorgen.

Niet alleen in Japan

Nu is Japan natuurlijk niet het enige land in de wereld waar is nagedacht over wat je het leven zin en betekenis geeft. ’Waartoe zijn wij op aarde?’ is een vraag waar mensen al duizenden jaren mee bezig zijn. Wat maakt ikigai dan anders? Misschien draait het bij ikigai niet zozeer om het zoeken van een reden voor je bestaan, als wel om het genieten van wat er is.

De vertaling van ‘Ikigai’ is niet alleen ‘leven waard’ maar ook ‘Ik wil leven’. En zo zou je het ook kunnen samenvatten: ikigai draait om levensvreugde. Dat is immers ook wat je hoort als je luistert naar de antwoorden van de honderdjarigen van Okinawa op de vraag ‘Wat is je ikigai’? Het draait om vreugde. De vreugde van een achterkleinkind. De vreugde van voor andere mensen kunnen zorgen, van een plek hebben, van je opgenomen weten in een kring van mensen die om je geven.

Dat zijn allemaal dingen die leiden tot minder stress en meer welzijn en daarmee, waarschijnlijk, tot een langer en gelukkiger leven.

Hoewel het natuurlijk net zo goed kan zijn dat je, als je honderd bent, veel meer geniet van dat soort dingen. Dat je, als je de honderd al voorbij bent, je je zo bewust bent van de eindigheid van alles dat je juist de schoonheid in kleine dingen beter ziet.

Levensvreugde

Enfin. Voor iedereen die de honderd nog níet nadert, is de handigste route naar je ikigai misschien toch dit: waar zit je levensvreugde? Dat kan een groot doel zijn, maar je kunt ook beginnen met iets kleins. Een egeltje, of zo. Je ikigai, dat zijn de dingen waar je blij en gelukkig en vrolijk van wordt. En dáárover nadenken, dat zou zomaar kunnen helpen om ’s morgens je bed uit te komen.

Lezen

Francesc Miralles ‘Ikigai. Het Japanse geheim voor een lang en gelukkig leven’ en Héctor García, ‘Vind je ikigai. Breng het Japanse geheim voor geluk in praktijk’ verschenen bij De Boekerij).

Ken Mogi, ‘Ikigai. De Japanse manier om het doel van je leven te ontdekken’ verscheen bij Ruitenbergboek. De lezing van Dan Buettner over hoe je 100 wordt, vind je hier.

De Amerikaanse psycholoog Emily Esfahani Smith dacht lange tijd dat de perfecte relatie en de perfecte baan de formule waren voor geluk. Maar de zoektocht naar perfectie bracht juist onrust. Het moment dat ze anders naar geluk ging kijken, werd ze het ook.

Hierbij ontdekte ze iets opmerkelijks: mensen die op zoek zijn naar geluk, zijn juíst ongelukkiger. We lijken het van de buitenkant allemaal zo goed voor elkaar te hebben, maar tegelijkertijd voelen we ons van binnen vaak ontredderd en alleen. Volgens Emily Esfahani Smith is dat zo omdat het ons vaak aan zingeving ontbreekt.

Want hoe word je nou echt gelukkiger in je leven? Esfahani Smith schreef er een boek over genaamd: ‘The Power Of Meaning.’ In deze TEDtalk deelt ze de vier elementen die bijdragen tot meer geluk.

De Amerikaanse psycholoog Emily Esfahani Smith onderzocht het geheim achter gelukkig zijn.

Dit is wat schrijfster Susan Sontag ons leert: weet dat je de schrijver bent van je eigen levensverhaal, en dat je een leven lang kunt knutselen aan wie je werkelijk wilt zijn.

Sontag zag zowel haar leven als persoonlijkheid als een project in wording. Ze was verslaafd aan het stadse leven van New York. Hier vond ze zichzelf niet; ze schiep zichzelf.

Veranderen doe je een leven lang

Volgens biograaf Benjamin Moser laten haar postuum gepubliceerde dagboeken een aandoenlijke kant van Sontag zien: wispelturig en om de haverklap verliefd. Haar ware zelf veranderde voortdurend, en ze omarmde deze innerlijke instabiliteit volledig.

Zelfs toen ze door kanker werd getroffen, weigerde zichzelf in de rol van terminaal patiënt te schikken. Zo ging ze ging in haar essay ‘Illness as metaphor’ (1978) de strijd aan met gevestigde ideeën rondom patiënten. En verhief zo haar leven tot kunstproject.

Je bent de schrijver van je eigen verhaal

We raken vaak verstrikt in het web van onze geschiedenis – de verhalen die we over onszelf hebben gesponnen. En zien onze identiteit als een natuurlijk gegroeid en vaststaand geheel.

Wat kunnen wij van Sontag leren? Misschien wel dat onze identiteit slechts een illusie is, die we met onze eigen magie kunnen transformeren. En dat we ondanks beren op de weg of vreemde plotwendingen zelf de regisseurs van ons theater zijn.

Knutselen aan je identiteit

Sontag liet zich er nooit door de buitenwereld van weerhouden om zichzelf te vernieuwen. Met haar vlijmscherpe pen knutselde ze elke dag opnieuw aan haar identiteit. Want hoe je ook groeit, we zijn uiteindelijk allemaal een project dat nooit af is.

De dagboeken van Susan Sontag (Herboren – dagboeken en aantekeningen & Zoals de geest gebonden is aan het vlees) zijn vertaald verschenen bij De Bezige Bij.