Voor haar muziekprojecten doet Nynke Laverman inspiratie op bij inheemse volkeren en hun wijsheid. Ze onderzoekt hoe ze die oude manier van leven met het nieuwe van nu kan verweven. Voor haar recente album ‘Oak’ trok ze zich terug in de natuur. Met alleen water en een slaapzak.
Voor haar vorige albums leefde Nynke Laverman met een nomadische familie in Mongolië, onderzocht ze de Portugese fado en ging ze naar Mexico. Niet omdat de wijsheid alleen in verre oorden te vinden is, maar omdat ze inspiratie haalt uit culturen die nog in evenwicht leven met hun omgeving. Toch is de Friese grond net zo goed een inspiratiebron voor Nynke. Ze groeide op in een klein Fries dorp omringd met grasland, dat wordt doorkruist met slootjes. Ze voelt zich verbonden met het landschap waarin ze leeft. Daarom doopte ze haar oudste zoon met slootwater. Volgens Laverman hebben we dat soort rituelen nodig, niet alleen om de tijd stil te zetten, maar ook om ons eraan te herinneren waar we vandaan komen, waar we onderdeel van zijn.
Praten tegen een volgende generatie
Laverman maakt al meer dan twintig jaar poëtische, sferische muziek en doet dat samen met componist en geluidskunstenaar Sytze Pruiksma, toevallig haar echtgenoot. Op haar vorige album, het hypnotiserende ‘Plant’, onderzocht ze haar eigen boosheid en verontwaardiging over het ontwrichten van de aarde. In het nummer ‘Your ancestor’ praat Nynke hardop tegen een volgende generatie – haar achterkleinkinderen – en biedt ze excuses aan voor de puinhoop die we op aarde maken.
Alleen op een berg in Zuid-Spanje
Dat pijnlijke verhaal aan een groot publiek vertellen was confronterend en kwetsbaar, maar nog niet af. Nynke bleef met vragen zitten. Ze dacht: nu heb ik alles wel gezegd over de confrontatie met ons eigen handelen, van nog meer groeien en nog meer nemen, maar met alleen machteloosheid en teleurstelling over het welzijn van onze planeet komen we niet verder. We hebben ook behoefte aan hoop, aan verhalen waarmee we verder kunnen. Maar welk verhaal moet dan nu, op dit moment, verteld worden? Die vraag werd het uitgangspunt voor haar nieuwste artistieke project, ‘Oak’. Eik. Met deze vraag ging Laverman op een berg in Zuid-Spanje zitten. In haar eentje. Zonder eten, zonder bezittingen, alleen water en een slaapzak. Niet kniezend of wanhopig, maar in vol vertrouwen en nieuwsgierigheid.
Wat deed je nou precies op die berg?
“Een vision quest. Heb je daar weleens van gehoord? Het is een oeroud overgangsritueel van de Native Americans, maar ook andere volken gebruiken het. De bedoeling is dat je een bepaalde tijd alleen in de natuur doorbrengt, zonder afleiding en eten, maar wel met een vraag. Ik deed dat vier dagen en nachten in een berggebied in Zuid-Spanje. Je zoekt een plek die tot je spreekt en wacht op het antwoord. Dat kan een inzicht zijn, een natuurervaring of een visioen. En het mooie is, je stelt die vraag niet alleen voor jezelf maar voor je hele gemeenschap. Het is geen persoonlijke retraite. Van tevoren vroeg ik aan de mensen om me heen of ik iets voor ze mee kon nemen naar de berg. Een gebed, wens of een gedachte van hoop. Deze gebeden werden in een gezamenlijk ritueel meegenomen voordat ik alleen verder ging. Je beantwoordt de vraag uiteindelijk aan de gemeenschap.”
Je nam niet alleen gebeden mee, je maakte ook contact met je voorouders voordat je into the wild ging.
“Dat doe je door vuur te maken en daar een steen in te leggen. Die steen wordt poreus, en in die openingen kunnen voorouders iets meegeven. Kijk, hier heb ik de steen. Eerst dacht ik: goh, wat weet ik weinig van mijn voorouders. Bij de generatie van mijn grootouders houdt mijn kennis wel op. Wie waren ze? Wat deden ze? Hoe gingen zij om met de aarde? Na een tijdje moest ik sterk denken aan een
oudtante aan wie ik al lang niet had gedacht. Ook zij leefde net als ik avontuurlijk en was ook nieuwsgierig ingesteld. Toen dacht ik: misschien is zij degene die me nu ondersteunt. Het zijn misschien maar gedachten, maar dat maakt me niet uit. Het ritueel zette me ook aan het denken over de rollen die we hebben. De gedachte dat ik niet alleen een dochter of een moeder ben, maar ook een voorouder,
helpt mij om betere, langetermijnkeuzes te maken. Al met al, ook door al die rituele voorbereiding, was de vision quest een rijke ervaring. Ik gun het iedereen. Op het moment dat je je openstelt en oké bent met de onwetendheid, omdat je niet precies weet wat er gaat komen, gebeurt er van alles, en krijgen gewone dingen andere betekenissen. En dan zijn er natuurlijk nog de ontberingen. Ik was ook simpelweg hongerig en koud.”
Was je niet bang?
“Nee, ik voel me vaak gegidst, of gedragen. Dat heb ik altijd al. Dit soort reizen onderneem ik intuïtief, het is geen zucht naar avontuur. Vooraf kan ik niet verklaren waarom ik ergens heen moet, achteraf weet ik de betekenis pas. Deze reis naar Spanje kwam eigenlijk helemaal niet uit, en toch voelde ik: dit moet ik doen. Comfortabel was het natuurlijk niet. Normaal is het daar een graad of twintig, nu stond er een ijzige oostenwind en hing storm Nelson in de lucht. Ik had het koud en was onwennig met de geluiden om me heen. Ik zag dingen die ik normaal niet zie. Geen verpletterende dingen, maar dat hoeft ook niet. Jezelf onderdeel voelen van iets groters en de verbinding voelen met alles om je heen, is al genoeg. Ik liep heen en weer om warm te blijven en op het moment dat ik me realiseerde dat ik echt hongerig werd en het moeilijk had, zag ik een steen die precies op een cheesecake leek. Ik moest lachen en ontspande weer. Van dat soort dingen kan ik enorm genieten. Op een later moment kreeg ik sterk het gevoel dat er iemand achter me stond. Ik draaide me om en zag mijn man Sytze staan. Hij moedigde me aan en lachte naar me. Sytze was in werkelijkheid thuis in Friesland met onze zoons.”
Wat vertelden deze weerspiegelingen jou?
“Dat ik op het goede spoor zat en daarin werd aangemoedigd. Iedereen kan dit soort ervaringen meemaken als we ons ervoor openstellen. Het is aan onszelf om de betekenis ervan in te zien. Of het waar is, en ik echt zie wat ik zie, doet er voor mij niet toe. De ervaring zelf maakt mijn leven zoveel rijker en mooier. Maar ik geloof wel dat we er allemaal iets aan kunnen hebben. Deze natuurervaringen kunnen ons helpen om ons weer verweven te voelen met alles om ons heen. Het zorgt voor ontzag waardoor we met meer liefde en zorg met elkaar omgaan.”
We vervreemden van de aarde en daarmee van onszelf, zing jij. Je verwoordt het treffend in het nummer ‘Betonblom’, met de eindzin ‘hoe schiet ik wortel in beton?’
“Door dat losmaken van onszelf van de natuur, gaan we met minder respect met de aarde om. En dus ook met onszelf, want wij zijn zelf ook natuur. Als we wel in verbinding zijn met alles om ons heen, voelen we dat we erbij horen.”
Welk inzicht nam je mee naar huis vanaf de berg?
“Alles is er al. Alles wat we nodig hebben, is er. De natuur is vrijgevig. Dat was geen verpletterend inzicht, geen overweldigend antwoord, maar blijkbaar had ik het loskomen uit mijn gewone hectische leven op die berg nodig om het in te kunnen zien. Een ander inzicht is dat we nooit niet-verbonden zijn geweest. We voelen ons misschien vervreemd van onze omgeving, en denken misschien dat we boven
de dieren en de bomen, planten en stenen staan, maar in werkelijkheid zijn we er nooit los van. Er is geen onderscheid. Dat zijn we alleen een beetje vergeten. En dus zoek ik een taal. Een woord. Want we hebben nog geen woord voor die verbondenheid met de aarde.”
Is het een mystiek woord dat je zoekt? Een woord dat een ervaring van heelheid uitdrukt?
“Ja, precies. We zijn onderweg naar een tijd waarin we ons weer gaan herinneren dat we verbonden zijn. Voor die verbondenheid hebben we in het Nederlands geen woord, alleen afstandelijke, beperkte omschrijvingen, zoals ‘de connectie met de natuur’, waar het onderscheid met ‘de natuur’ uit spreekt. Ik zoek één woord voor het diepe gevoel van verbondenheid met alles om me heen. Een woord zoals het Portugese ‘saudade’, waarin van alles samenkomt: heimwee, verlangen, vreugde, verdriet.”
Oude volkeren inspireren je. Eerder ging je naar Mongolië. Je westerse wereldbeeld lag aan diggelen na dat bezoek.
“De Mongoolse familie waarbij ik een maand lang te gast mocht zijn, is zich zo bewust van hun wederzijdse afhankelijkheid van de aarde. Ze leerden me: je kunt nooit meer nemen dan je geeft. In dat gebied groeit bijna niks, geen groente en bijna geen fruit. In de zomer groeien er wel besjes, waar jam van wordt gemaakt. Maar deze mensen namen niet álle besjes. Als je op deze manier naar geven en nemen gaat kijken, verandert je blik. Ook gelooft deze gemeenschap dat alle wezens op aarde bezield zijn. Zelfs een steen. Pak je die zomaar op, dan is een steen drie maanden van slag, vertelden ze me. Dat vond ik een eye-opener. Want hoe gaan wij – in mijn gemeenschap – om met alles om ons heen? Niet zo.”
Voor je album ‘Plant’ moest je door een periode van woede en verontwaardiging.
“Omdat het ons niet meer lukte om vanuit dat idee van wederkerigheid met de aarde om te gaan. Het lijkt soms wel alsof we de aarde zien als een onbezielde plek, waarin we veel meer nemen dan geven. Willen we dat leren aan onze kinderen? En hoe blijf je realistisch en tegelijkertijd hoopvol? Kijk, ik ben muzikant, geen wereldverbeteraar of milieuactivist. Wel kan ik kleine dingen doen, en mijn gedrag
aanpassen. Zo leven we als gezin al jaren zoveel mogelijk plastic-vrij. Toch kan ik met mijn gezin niet alles goedmaken.”
Heb je daar last van? Sommige klimaatwetenschappers voelen de ontwrichting van de aarde in hun lijf. We zijn tenslotte zintuigelijke wezens.
“Soms moesten er huilbuien uit of voelde ik me verdrietig of woedend. Die woede hielp om mijn boodschap krachtig over te kunnen brengen in mijn artistieke projecten, maar werkt uiteindelijk ook blikvernauwend. We kunnen niet bij onze machteloosheid en woede blijven steken. We hebben ook andere verhalen nodig. Verhalen van compassie, hoop en verbinding.”
Hoe blijf jij hoopvol?
“Door steeds te bedenken dat de mens ook zorgt voor de wereld, mededogen kan hebben en liefdevol is. Door niet cynisch te worden, en door de schoonheid van het leven bewust te blijven zien. Muziek en taal zijn daarin belangrijk voor mij. En de natuur. Die leert me vertragen. Dan luister ik aandachtig naar de bomen en tuur ik naar vogels. Dat doe ik vaak, want Sytze en onze twee zoons zijn vogelaars. Daardoor leer je heel ver kijken en goed te luisteren. Voor het ontbijt ben ik al buiten. Ook als het ’s ochtends nog donker is, dan kijk ik naar de maan, in de zomertijd geniet ik van de opkomende zon. En het helpt mij om het leven zo nu en dan vanuit een ander perspectief te zien.”
Bijvoorbeeld vanuit het perspectief van een boom.
“Voor ‘Oak’ herontdekte ik dat de eik in de tijd van de Germanen en Kelten onze heilige boom was, die voor wijsheid, stabiliteit en kracht stond. Onder de eik werden belangrijke besluiten voor de gemeenschap genomen. We hadden dus een eeuwenlange vriendschap met de eik. Dat zet mij dan weer aan het denken. Wat zou de eik ons nu te vertellen hebben? Ik denk eigenlijk dat ie zou zeggen: Ik mis jullie, waar zijn jullie? Bomen kunnen ons helpen om onze verwevenheid niet te vergeten. Volgens mij vertellen ze dat. Deze verhalen probeer ik met onze nieuwe voorstelling over te brengen, met klank en poëzie.”
Jullie kick-off van ‘Oak’ was dan ook onder eikenbomen.
“Dat was fantastisch. Het was op Oerol, Terschelling. We lieten de mensen in een cirkel onder de eikenbomen zitten. Zelf hoorden we de vogels allang fluiten, maar wij hebben natuurlijk een getraind oor. We zagen mensen eerst een plekje zoeken en daarna langzaam in de muziek verdwijnen. Sytze gebruikt in deze voorstelling vogelfluiten, en reageert daarmee op de vogels. Hij was echt in duet met de vinkjes en de koekoek. We zagen mensen denken: hee, de vogels beginnen mee te zingen. Maar die vogels waren er al. Je dat weer realiseren, dat alles er al is, en één worden met een plek door muziek, dat is volgens mij mijn opdracht. Dat is mijn manier om iets terug te geven.”
Nynke Laverman (1980) brak in 2004 door met haar Friestalige fado-album ‘Sielesâlt’. Voor het album ‘Nomade’ leefde ze een maand lang bij een nomadenfamilie in Mongolië. Het album ‘Wachter’ gaat over de kunst van het wachten en mijmertijd. Na haar debuut ontving ze nationale en internationale erkenning voor haar eigenzinnige, poëtische avontuurlijke werk, waarin ze samenwerkt met componist, muzikant en echtgenoot Sytze Pruiksma. In haar werk combineert ze meerdere talen, haar moedertaal Fries, het Nederlands en Engels. Op ‘Plant’ onderzocht ze de mens die steeds verder van de natuur af staat en ging ze met denkers en filosofen in gesprek. Met haar laatste album ‘Oak’, een vervolg op ‘Plant’, gaat ze vanaf maart op tournee. Ook voor dat album gaat ze met hedendaagse denkers in gesprek, zoals denker en schrijver David Van Reybrouck, schrijver en filosoof Charles Foster en bedrijfsantropoloog Jitske Kramer. nynkelaverman.nl
Tekst: Nynke Sietsma
Beeld: fotografie door Dana van Leeuwen, styling door Marita Janssen, visagie door Wilma Scholte
Dit artikel komt uit Happinez ‘Zachtheid’.