Handwerk - Happinez
Terug naar overzicht

Handwerk

Categorie
Tekst
Pauline Bijster
Handwerk

Knippen, plakken, naaien en jampotjes verzamelen: als ouder wordt er van je verwacht dat je wat afknutselt. Pauline ontdekt dat deze verplicht verworven vaardigheden ook heel leuk kunnen zijn, en je een nieuw gevoel van trots kunnen geven.

‘Ik heb gisteren tot 2 uur ’s nachts er aan gezeten!’
‘Kun je dat? Ik ben daarvoor te moe ’s avonds, ik heb de juf om uitstel gevraagd…’

Dit was niet een gesprek tussen twee middelbare scholieren over een werkstuk, dit was een gesprek in mijn yogaklas tussen twee moeders met kinderen op dezelfde school.
Ruim twee jaar geleden heb ik mijn oudste twee kinderen op de vrijeschool gezet, tot groot plezier van ons allemaal. Het enige waar ik wel eens moeite mee heb, of waar ik aan moet wennen, is de ouderparticipatie. Nu kent iedere ouder die ‘ouderparticipatie’ wel, ongeacht van welk genre de school is. Het hebben van basisschoolkinderen betekent gewoon acht jaar lang knutselen, jampotjes verzamelen, luizen en lezen en stoffen op school, mee naar uitjes en pannenkoeken bakken.

Dit is niet anders op een vrijeschool, misschien niet eens perse méér, maar het niveau is hoog. In december wil school graag dat wij ouders zelf decembercadeautjes maken voor onze kinderen. En dan willen ze niet iets lulligs, nee, er worden serieuze gebruiksvoorwerpen gemaakt: van hout, van wol, van leer. Als je drie kinderen bij ons op school hebt, zou het zomaar kunnen zijn dat je voor 5 december als ouder een paard moet vilten, een houten klok moet timmeren die echt tikt en een leren etui moet naaien.
En nu ben ik een groot voorstander van handwerk, van zelf-dingen-maken in plaats van alles maar klakkeloos kopen en ben ik vóór natuurlijke materialen. Maar via de school van kinderen kom ik mijn eigen tekortkomingen tegen: ik kan namelijk helemaal niet naaien, noch timmeren. Ik heb dat nooit van iemand geleerd, mensen van mijn leeftijd ‘kopen gewoon dingen’. Zo heb ik al naarstig brei- en naailes bij mijn eigen moeder opgeëist. De leren etui die ik nu moet maken, ziet er uit alsof hij in iedere hipsterwinkel in Amsterdam te koop zou kunnen zijn, ik zou hem zelf graag willen hebben, maar máken?

Nou, dat kan dus. Ik leer haken, en breien, ik leer over de planten en ik leer tuinieren, en ik leer timmeren en houtsnijden – ik moet wel, voor mijn kinderen. Voor hen zijn deze dingen inmiddels normaal, ze doen niet anders op school. Voor mij is dit een compleet nieuw aspect van het leven. Als mijn kinderen straks hun basisschool hebben afgerond, ben ik alsnog een kundig handarbeider geworden. Alsnog. Terwijl ik dat nooit van plan was.

Laatst was mijn lievelingstrui kapot. In plaats van naar de stad te fietsen voor een nieuwe – wat ik normaal gesproken gedaan zou hebben, de winkel had hetzelfde model dit jaar weer, had ik al gezien – heb ik een naald en draad gepakt uit mijn dochters naaidoos. Niet heel netjes, maar wel met liefde, heb ik de gaatjes in mijn lievelingstrui dichtgenaaid.
‘Wat doe je mam?’ vroeg mijn dochter verbaast.
‘Ik repareer mijn trui!’ zei ik.
En ik was intens trots.

Dit vind je vast ook leuk