Terug naar overzicht

Zo ga je positiever over jezelf denken

Categorie
Zo ga je positiever over jezelf denken

Klopt jouw beeld van jezelf eigenlijk wel? Allemaal vormen we in de loop van ons leven ons zelfbeeld. Dat beeld is altijd subjectief, en vaak is het negatiever dan terecht zou zijn. Gelukkig kun je je eigen zelfbeeld wat zachtere kleuren geven. 

Mocht je zo iemand zijn die er heilig van overtuigd is dat ze een hartstikke realistisch beeld van zichzelf heeft: geloof Saskia Geraerts maar, dat is echt niet waar. In haar boek PRFCT. In zeven stappen naar een optimistisch zelfbeeld legt de psycholoog uit hoe je zelfbeeld tot stand komt én hoe je het positiever kunt maken. Wat blijkt: de basis voor hoe je nu naar jezelf kijkt, is al gelegd toen je nog heel klein was. In de periode dat je ook nog in Sinterklaas geloofde, zeg maar. ‘Als je die leeftijd hebt, kun je (…) nog niet nadenken over denken. Je kunt je gewoonweg niet voorstellen dat iets anders is dan dat het je wordt voorgespiegeld. Alles wat tegen je gezegd wordt, is waar. Alles wat je ziet, is waar.’

Net zoals je het bestaan van Sinterklaas op een bepaald moment in twijfel bent gaan trekken, is het goed om dat ook bij je zelfbeeld te doen. Daar ben je in de loop der jaren van overtuigd geraakt, maar klopt het wel?

Heb jij een positief zelfbeeld?

Interessant om te weten: er zijn drie verschillende soorten zelfbeeld. Je hebt het realistische zelfbeeld, waarbij je er vrede mee hebt dat niet alles aan jou zo fantastisch is als je misschien zou willen (je hebt niet de lange ranke benen van een supermodel, of steil haar terwijl je liever krullen had gehad). Ben je ergens ontevreden over? Dan neem je de verantwoordelijkheid om er iets aan te doen, mits dat binnen je mogelijkheden ligt. Heb je een onderwaarderend zelfbeeld, dan vergelijk je jezelf vaak met anderen, onderschat je je prestaties en talenten en is goedkeuring van anderen erg belangrijk voor je. En heb je een overwaarderend zelfbeeld, dan bekijk je jezelf door een roze bril. Gaat er iets fout, dan lag het aan anderen of aan de omstandigheden.

Drie stappen op weg naar een optimistischer zelfbeeld

Weet je wat voor soort zelfbeeld hebt, dan weet je ook in hoeverre er iets aan te verbeteren valt. De kans is groot dat je best iets positiever over jezelf mag denken. In het boek PRFCT. staan zeven stappen die je kunt zetten naar een optimistischer zelfbeeld, dit zijn er drie (de volgorde maakt niet uit, je kunt de stappen afzonderlijk zetten).

1 Richt je aandacht

Het is onmogelijk om alles waar te nemen, en daarom filtert ons brein wat we zien. Je manier van kijken bepaalt wat je het meeste opvalt. Als je op een kritische manier naar jezelf kijkt, zie je vooral de (vermeende) negatieve dingen. Die blik kun je veranderen door te oefenen.

Stel, je ontmoet een nieuw iemand. Waar gaat je aandacht het eerste naartoe? Is dat die ene vervelende opmerking die iemand maakt? Benoem daarna drie dingen (of meer) die je wél positief vindt aan deze persoon. Dit kun je eerst een paar keer oefenen bij anderen, en vervolgens op jezelf toepassen, bijvoorbeeld aan het einde van de dag. Wat schiet je als eerste te binnen, en als dat niet positief is, daag jezelf dan uit om een paar positieve dingen te benoemen.

2 Daag je gedachten uit

Onze gedachten zijn niet altijd wáár. We doen de hele dag door allerlei aannames. Gaan twee goede vriendinnen samen naar de film zonder jou mee te vragen? Dan kun je de conclusie trekken dat ze jou wel stom zullen vinden, maar er zijn veel meer redenen mogelijk. Van elke situatie zijn meerdere interpretaties mogelijk.

Daag je gedachten dus zo vaak mogelijk uit, door ze te bevragen. Is het waar wat je denkt? Weet je dat 100 procent zeker? En hoe gedraag je je door die gedachte? Bedenk je dat je zelf mag bepalen wat je gelooft – je mag van het negatieve uitgaan, maar ook van het positieve.

3 Vergelijk niet oneindig met anderen (en zeker niet alleen met de kampioen)

Wij mensen kijken graag over de schutting. Hoe doet de buurman het? Doet hij het net zo als jij, of heel anders? Niet zo gek, legt Saskia uit: van oudsher zijn mensen kuddedieren, die bij de groep willen horen. Daarom letten we goed op de rest van de groep. Maar vaak vergelijken we onszelf vooral met mensen naar wie we opkijken, of die ergens buitengewoon goed in zijn. Op die manier eindigen we zelf altijd onderaan de ladder.

Test eens of je idee van de ander klopt. Vraag iemand naar wie je opkijkt (omdat je denkt dat hij of zij ergens heel goed in is, of omdat je hem of haar heel knap vindt, et cetera) of diegene het ook op die manier ziet. Evalueer daarna: klopte je gedachte, en wat heeft de uitkomst van het gesprek je opgeleverd?

Meer lezen?

Meer Happinez?

Door anderen gelezen