De tien levenslessen die je leert in de sportschool - Happinez
Terug naar overzicht

De tien levenslessen die je leert in de sportschool

Categorie
De tien levenslessen die je leert in de sportschool

Flinke lichamelijke oefening is niet alleen goed voor je lijf, maar óók voor je ziel. De sportschool is een bron van levenslessen. Tien spirituele redenen om jezelf in het zweet te werken.

Les 1: Je ontmoet jezelf

‘Je komt jezelf tegen’ heet dat, als je aan sport gaat doen – en wat een goede ontmoeting is dat! In de fitnesszaal en op het sportveld ontdek je jezelf. Je leert je lichaam kennen, je voelt ineens spieren zitten waarvan je het bestaan niet vermoedde, je beseft dat je hele lijf tintelt en straalt, helemaal levend is tot in de kleinste haarvaatjes. Je komt thuis in je eigen lijf.

Daardoor voel je ook veel beter waar je spieren aanspant als dat níet de bedoeling is. Achter je bureau, in de auto, op de bank, je registreert veel eerder een verkeerde houding en die corrigeer je spelenderwijs, misschien wel zonder het door te hebben.

Les 2: Je wordt er nederig van

Je ego heeft weinig te doen tijdens een work-out. Laten we wel wezen: het ziet er meestal niet uit. Je zweet, je steunt, je puft, je wordt knalrood… Alle lucht stroomt uit je opgeblazen ik. Maar daarna vult die ruimte zich met nieuwe lucht, frisse lucht, schone lucht. Minder ‘ik-kig’, meer verbonden met het geheel.

Doordat je lekker in je vel zit, bezie je de mensheid met vriendelijker ogen. Je voelt anderen beter aan als je contact hebt met je eigen lijf. Empathie is gebaseerd op bewustzijn van je eigen gevoelens.

Les 3: Je wordt er blijer van

Sporters weten het natuurlijk allang, en onderzoekers hebben het ook wetenschappelijk vastgesteld: je humeur verbetert aanzienlijk door sport. Lichaamsbeweging maakt dat de stofjes in je hersenen waar je blij van wordt, als endorfine, dopamine en serotonine, in verhoogde mate vrijkomen.

Drie keer per week hardlopen is even goed voor je ziel als therapie of meditatie. Het hoeft niet zo ver te gaan als de beroemde ‘runners’ high’, de speciale euforie die beroepssporters zo goed kennen en waaraan ze vaak verslaafd zijn – ook op amateurniveau werkt het.

Regelmatig flink bewegen kan zelfs depressie en burn-out voorkomen: hoe meer je beweegt, hoe kleiner de kans dat je psychische klachten krijgt. Een uur of vier per week sporten schijnt ideaal te zijn; mensen die dat doen, gaan het meest ontspannen door het leven. Dat is bijvoorbeeld elke dag een half uurtje en eens per week een uur.

Maar uit onderzoek blijkt dat de eerste twintig minuten van alle work-outs de meeste gelukshormonen produceren. En zelfs al begin je rustig met tien minuten, ook dan merk je het effect al.

Les 4: Je leert van je lichaam houden

Wie zich regelmatig inspant, gaat vanzelf meer van z’n lijf houden. Wat doet dat geweldige lichaam toch veel voor je. Hoe kun je het níet waarderen? Daardoor ga je automatisch ook beter voor jezelf zorgen. Als je je huis van top tot teen hebt gesopt, dans je niet met modderschoenen op de keukenvloer… En als je net een intensieve work-out hebt gedaan, beloon je jezelf niet met een patatje mét, maar grijp je eerder naar een groene smoothie of een handje noten. Je lichaam is je tempel en dat wordt meer dan een frase: je voelt het tot in je cellen. Hoe onvolmaakt het in je ogen misschien ook is, er is iets heiligs aan, iets wat eerbied verdient.

les 5: Je komt in het hier en nu

Workout = mindfulness XL! De frisse lucht in je longen, het zweet op je huid, je spieren die zich aanspannen, de wind door je haren: alles speelt zich af in het hier en nu. Door al die zuurstof die in je bloed circuleert, worden je zintuigen wakker. Het is net of je beter ziet, hoort, ruikt, voelt… Dat effect is natuurlijk wel minder als je met een koptelefoon op je oren door veld en beemt loopt te draven, of naar een televisiescherm staart in de fitnesszaal. Sport zo zen mogelijk, maak je geest leeg, laat de wind je gedachten wegwaaien en wees helemaal aanwezig. Voel wat je doet, adem bewust, rek en strek met honderd procent aanwezigheid, zet je voeten neer met aandacht. Er is alleen dit ene moment, hier en nu

Les 6: Je krijgt er energie van

Soms denk je dat je te moe bent voor een potje tennis of die les pilates – en als je het toch doet, merk je: je krijgt juist energie van lichaamsbeweging. Dat kan iedereen beamen die net een uurtje heeft lopen zweten en zich daarna heerlijk fris en fit voelt. ‘Slecht geslapen vannacht’ is eerder een reden om je naar de sportschool te haasten dan op de bank te blijven zitten.

Het leven is paradoxaal en dit is een van de mooiste paradoxen: inspanning geeft meer energie dan het kost. Zo is het in het spirituele leven ook: wat je geeft, keert in veelvoud naar je terug.

Les 7: Je leert grenzen aangeven

Pas als je jezelf lichamelijk uitdaagt, leer je waar de grenzen van je fysieke kunnen liggen. Wat kun je wel, terwijl je dacht van niet? Veel meer dan je dacht. Wanneer kun je écht niet meer, waar ligt je grens? Sport en work-out zijn constante [reality checks]. En realistisch in de wereld staan, versterkt je zelfvertrouwen.

Les 8: Je leert doorzetten

Als je regelmatig sport, blijkt het makkelijker om ook andere goede gewoontes te kweken zoals mediteren of studeren. Je lichaam baant de weg voor je geest. Jezelf fysiek inspannen kweekt namelijk doorzettingsvermogen. ‘Cognitieve reserve’ heet het officieel, als je niet vanzelfsprekend de makkelijkste weg neemt, maar bereid bent om moeite te doen. Daarmee kom je verder in je leven. En die cognitieve reserve bouw je op door uitdagingen aan te gaan, door je in te spannen.

Les 9: Je wordt er wijzer van

De sportschool is een bron van levenslessen. En alle inzichten die je daar opdoet, neem je vanzelf mee je dagelijks leven in – omdat je ze direct voelt in je lichaam. ‘Zo binnen zo buiten’ is een oude alchemistische wijsheid. Lichaam en ziel zijn één en wat er in je lijf gebeurt, vertaalt zich naar je ziel. Neem hardlopen. Iedere sportinstructeur zal je vertellen dat je niet moet dribbelen, maar beter lange passen kunt maken.

Hardlopen doe je eigenlijk in de lucht: de ‘zweeffase’ tussen twee passen in is het belangrijkst. Maar is het niet in het hele leven zo? Er is altijd een zweeffase tussen twee groeistappen in, waarin je geen vastigheid hebt en jezelf als het ware toevertrouwt aan de lucht. Dus hardlopend door de natuur, of op de lopende band, oefen je in loslaten, in vertrouwen op het leven zelf.

Les 10: Je leert ontspannen

Work-out is in feite een vorm van stress: je hart gaat sneller slaan, je hijgt, je hersenen produceren stofjes die ze ook tevoorschijn toveren als er gevaar dreigt. Maar er is geen werkelijk gevaar en je brengt jezelf ook weer tot kalmte, elke keer weer. Daardoor leert je lijf zichzelf beter en sneller te kalmeren, ook als je te maken krijgt met psychische stress. Je slaapt ook beter door lichaamsbeweging, dat komt keer op keer uit onderzoeken naar voren en kan iedere sporter bevestigen.

Het ontspant ook op een dieper, spiritueel niveau. Als je één bent met je lichaam, ben je één met het universum. Want als je je thuis voelt in je lichaam, voel je je ook thuis op aarde.

Meest populair