Terug naar overzicht

Acht lessen van de natuur

Categorie
Tekst
Happinez redactie
Acht lessen van de natuur

Journalist Jocelyn de Kwant was als kind al een enorme natuurliefhebber, maar vond zichzelf op een gegeven moment voornamelijk tussen vier muren, opgeslokt door het snelle stadsleven. Met het nieuwe boek van Gary Ferguson onder de arm, ontdekte ze de acht grote lessen die de natuur ons te bieden heeft. ‘Ik was het gewoon vergeten, het gevoel dat de natuur me altijd gaf.’

Les 1: Mysterie

De natuur bestaat uit wonderen

We zweven door dat immens grote heelal, geen teken van leven ook maar enigszins in de buurt. En stilstaan bij hoe oud de wereld eigenlijk is, kan datzelfde overweldigende gevoel geven. Maar je hoeft niet ver voor die verwondering, voor die magie, zegt Ferguson. Dat besef van grootsheid, van dat wonder, kun je al krijgen door dagelijks te kijken naar de boom in je straat en de bloemen in je tuin. Niet voor niets zijn bomen en bloemen onderdeel van heilige rituelen over de hele wereld.

Mystiek is heerlijk, vindt hij, omdat het maakt dat alles mogelijk is, en je verheft boven die kleine dagelijkse beslommeringen en piekergedachtes.

Hij beschrijft dat als Einstein vastzat in een probleem, hij de natuur in ging. Daar lukte het hem om beter in contact te komen met een vrijere, meer intuïtieve mindset. Hij gebruikte de bossen om zichzelf en zijn gedachten naar een hoger niveau te tillen. Kijk diep in het mysterie van de natuur, zei Einstein, en dan zul je alles beter begrijpen. Kijk niet alleen naar de wereld om je heen met je ogen en je hoofd, zegt ook Ferguson, maar met je hele zijn – al is het maar voor een paar seconden, om werkelijk deel te hebben aan het mysterie dat ons allen verbindt.

Les 2: Connectie

Alles is met alles verbonden

In het Westen zijn we van oudsher gewend alles afzonderlijk te bekijken. Bij onderzoek leggen we iets onder het vergrootglas en bestuderen we het tot het kleinste detail. Volgens Ferguson hebben we daarbij één ding over het hoofd gezien, namelijk: verbondenheid. Niets bestaat zonder het andere: in het leven is alles, maar dan ook echt alles, met elkaar verbonden. De schimmels die de bodem vruchtbaar maken, waardoor de boom kan groeien, waardoor zijn bladeren de zonnestralen kunnen omzetten in glucose en zuurstof; de glucose waar de schimmels weer van leven, de zuurstof die wij ademen. Het begrip ‘survival of the fittest’ is een van de grootste misinterpretaties over de natuur, zegt Ferguson. In werkelijkheid is het leven op aarde een eindeloos netwerk aan verbindingen en samenwerkingen, van ‘interdependence’: wederkerige afhankelijkheid. Ferguson: ‘Wij die hier op aarde leven, ieder van ons afzonderlijk, zijn allemaal totaal van elkaar afhankelijk. Wat zou er gebeuren als we de beweging zouden kunnen zien die er continu gaande is? Als we zien hoe alles een dans is tussen levensvormen? Een dans waar we zelf ook aan meedoen. Als we de natuur niet alleen zien als iets wat buiten onszelf plaatsvindt, maar iets waar we onderdeel van zijn, verandert ons perspectief. En kan de natuur je nog meer raken dan hij misschien al deed.’

Hij haalt een recent onderzoek aan van Elizabeth Nisbet en John Zelenski, waaruit blijkt dat als mensen emotioneel meer met de natuur verbonden zijn, ze een gezonder, gelukkiger en productiever bestaan opbouwen. Met als misschien wel het belangrijkste aspect: verdraagzaamheid en liefde jegens de ander.

Les 3: Diversiteit

Hoe meer soorten, hoe sterker

Beeld je een veld met wilde bloemen in, vol margrietjes, kamille, rolklaver en juffertjes-in-het-groen. Om die bloemen zoemen wilde bijen, hommels, vlinders, vliegen – allemaal belangrijk voor de bestuiving. Als jonge bioloog stuitte Ferguson ooit op zo’n veld. Waarom zijn hier zo veel soorten, vroeg zijn mentor hem, en niet één of twee? Na lang denken begreep Ferguson het: de natuur spreidt zijn kansen. Bij een periode van droogte zullen de planten die dieper wortelen het overleven, een ander plantje heeft weer de juiste afweerstoffen tegen bepaalde insecten. Hoe meer wortelstelsels er overleven, hoe minder kans dat de bodem erodeert. En als het ene plantje het loodje legt, kunnen de bijen en vliegen door met de andere. De gebieden met de grootste diversiteit zijn het sterkst. En niet alleen dat: uit recent onderzoek is gebleken dat mensen die in de buurt van intacte, beschermde natuurgebieden leven, minder last hebben van infecties van de luchtwegen, malaria en de ziekte van Lyme.

De les is simpel: diversiteit maakt alles sterker. Je eigen tuin is sterker als er meer staat dan alleen een hortensia, maar ook in de mensenwereld is diversiteit een noodzaak. Op de werkvloer, op straat. Ferguson citeert de Amerikaanse econome Jane Jacobs die zich in de jaren vijftig inzette voor gemengde wijken in de stad. Ze nam daarbij steevast de diversiteit in de natuur als voorbeeld. ‘Het is letterlijk hetzelfde proces,’ legde Jacobs uit, ‘waarborg verscheidenheid in het dagelijks leven, heb respect voor ieder individu in die verscheidenheid, geef hen een rol in het combineren en opnieuw combineren van ideeën en hulpbronnen – zowel op het werk als op straat – en uiteindelijk levert dat de grootste kans op een bruisend economisch leven op de lange termijn.’

Les 4: Balans

Evenwicht tussen man-vrouw energie

Lion King had beter Lion Queen kunnen heten, want in werkelijkheid zijn het de vrouwtjes die de leiding hebben bij leeuwen en zijn zij de belangrijkste jagers bovendien. Als er jonge leeuwen geboren zijn, vormen de moeders zogenoemde nursery groups, waarin zowel mannetjes als vrouwtjes helpen om de welpen op te voeden en te verdedigen. Ferguson beschrijft hoe bij talloze soorten de rol van de vrouwtjes veel verder gaat dan alleen een zorgende; vaak hebben zij de leiding. Bijvoorbeeld bij wolven, maar ook bij olifanten is het oudste vrouwtje dat de groep leidt de stammoeder. Zij weet waar de groep water kan vinden in lange periodes van droogte, ze bemiddelt bij conflicten en relaties. En dan hebben we nog de slimme bonobo’s, de apen wiens DNA voor 99% met ons overeenkomt. Ferguson bezocht een groep bonobo’s in Congo en zag hoe de oudere vrouwtjes op de hoogste plaats stonden in de sociale rangorde in de groep. Ferguson: ‘Zij, en niemand anders, beslissen wanneer de troep opbreekt en waarheen. Als een agressief mannetje een jong vrouwtje lastigviel, konden we gerust stellen dat hij een boom vol problemen kon verwachten van de oudere vrouwtjes’. Om het evenwicht in de wereld te herstellen, pleit Ferguson dat we kijken naar de essentie van de vrouwelijke zoogdier-energie. De gedachte dat het ene geslacht belangrijker is dan het andere, is een menselijke dwaling, legt hij uit. ‘Het ontkent dat de natuur een uiting is van het evenwicht tussen beide. Het leven gedijt simpelweg het beste als het mannelijke en vrouwelijke volledig met elkaar samenwerken.’

Les 5: Familie

Dieren leren ons gelukkig te zijn

In het jaar 1997 deed een wolvenvrouwtje, gevolgd door een groep wetenschappers, iets ongehoords. Ze verliet haar roedel, inclusief pups, en liep weg. Ze liep en liep. Pas na een aantal weken lopen zonder duidelijke reden, keerde ze terug naar haar groep en nam ze haar leidende taken weer over. De enige verklaring die wetenschappers konden bedenken, zeiden ze liever niet hardop, omdat het ‘onwetenschappelijk’ zou zijn. Namelijk dat ze aan het rouwen was. Haar levenslange partner Old Blue, het oudste mannetje van de roedel, was kort daarvoor overleden. Ferguson legt uit dat van oudsher veel wetenschappers zich liever niet branden aan antropomorfisme, het projecteren van menselijke eigenschappen op dieren. Maar een stamoudste van de Northern Cheyennes met wie hij erover sprak vond het begrip onzin: ‘Wíj zijn degenen die onze eigenschappen van de dieren kregen. Het is nooit andersom geweest’.

Recent onderzoek van evolutiebiologen toont aan dat de hersenen van veel zoogdieren en zelfs vogels dezelfde chemische processen laten zien die bij mensen verbonden zijn met emoties. Dopaminegehaltes stijgen bij verliefde konijnen net zo hard als bij verliefde mensen. Als zoogdieren zich aangetrokken voelen tot een ander, komt net als bij mensen het hormoon oxytocine vrij. Er zijn bewijzen dat dieren rouwen, troosten, verliefd worden en jaloers kunnen zijn. Het zijn onze familieleden, stelt Ferguson, die ons respect verdienen en waarvan we kunnen leren. Ze brengen ons terug naar de basis. Dat je net als de bruine beer moet rusten onder een boom na het harde werken. En dat we moeten blijven spelen. Ferguson: ‘Zoals hele wolvenfamilies, zowel volwassenen als jongen, op hun rug gingen liggen op de top van een besneeuwde heuvel en zich dan naar beneden lieten glijden, en dan vervolgens weer snel heuvelop renden, tong uit de bek, om het nóg een keertje te doen’.

Les 6: Energie

Het leven verspilt geen druppel

Elk dier en elke plant is een wonder van efficiëntie, precies afgestemd om elke druppel die erin gaat te gebruiken en om te zetten in iets nieuws. Niet voor niets is de natuur een inspiratie voor ontwerpers, ingenieurs en architecten. Hoe vogels vliegen, hoe bijen hun korf hebben gebouwd, hoe planten naar de zon groeien, hoe een blad zich vormt om zo snel mogelijk zoveel mogelijk licht op te vangen. Waarom, vraagt Ferguson zich af, is alles zo efficiënt als er zoveel energie beschikbaar is? Simpel: omdat elk levend wezen maar een beperkte hoeveelheid energie kán opnemen. Het is voor elk wezen een puzzel om de energie die hij krijgt maximaal in te zetten, niet alleen om voort te bestaan, maar ook om te floreren. Om zoveel mogelijk bomen, vlinders en wilde rozen voort te brengen als het ecosysteem toelaat. Alles in een perfect evenwicht met elkaar.

Ferguson leerde van een Native American dat als je goed naar de natuur kijkt, je altijd drie dingen terugvindt: harmonie, balans en ritme. Ferguson: ‘Harmonie kunnen we opvatten als niet ingaan tegen wat er gebeurt, maar je aanpassen. Een trekkende eend die met forse tegenwind te kampen heeft, zal besluiten te landen en te wachten op betere weersomstandigheden in plaats van een uitputtingsslag aan te gaan. De tweede kwaliteit, balans, is op te vatten als het streven naar een evenwicht tussen energie die binnenkomt en energie die eruit gaat. Diezelfde eend zal precies zoveel graan eten als hij nodig heeft voor de inspannende vlucht. En ten slotte is er ritme: de dagelijkse en seizoenscycli en levensfasen die ons allen sturen – de afwisseling van sterke activiteit en rustig herstel’.

In deze drie begrippen ligt misschien wel de sleutel voor de omgang met onze eigen energie: hoeveel tijd verspillen we aan piekergedachtes over dingen die er niet toe doen? Neem je net als de migrerende eend genoeg tijd om je energie op tijd aan te vullen?

Les 7: Herstellen

De kunst van opnieuw opstaan

Het is een schrikbeeld: verwoestende bosbranden die kilometers natuur platbranden. Vuur is tot grote vijand verklaard, moet koste wat het kost bestreden worden. Maar bosbranden zijn er altijd al geweest, legt Gary Ferguson uit, ze zijn zelfs een belangrijk onderdeel van de natuur. Er zijn soorten pijnbomen waarvan de konen hun zaden alleen loslaten als ze in aanraking zijn geweest met vuur. Hij vertelt hoe hij, na de grote bosbranden in 1988 in het Yellowstone National Park, de wederopstanding in de jaren erna gevolgd heeft. Natuur is een koning in behouden wat essentieel is. Een bos herstélt niet alleen van een bosbrand, het floreert, benadrukt Ferguson. In Yellowstone kwam er niet alleen meer groen voor terug, ook de kwaliteit was beter. Een studie liet zien dat sommige dieren speciaal omliepen om zich daar te voeden met insecten en jonge plantjes.

Het was door de lange wandelingen in Yellowstone dat Ferguson de kleine, vroege bewegingen van herstel begon te zien en te waarderen. Wat leert dat over mijzelf, dacht hij: als alles in elkaar stort, wat is dan het meest essentieel? Wat is de kern die altijd overeind blijft?

De moderne impuls om zelfs gezonde bosbranden te willen voorkomen, ziet hij terug in zijn eigen illusie om controle te willen houden. Disrupties kunnen leiden tot heling, schrijft hij. Het kan nodig zijn om los te komen uit een slechte baan, uit een giftige relatie. En zelfs toen Ferguson in 2005 zijn vrouw verloor bij een tragisch ongeluk, bleek herstel mogelijk. Zelfs na de ergste bosbranden vindt de natuur een weg naar herstel. Het heeft alleen tijd nodig. ‘Ik zou me mettertijd weer oprichten, vriend na vriend, plant na plant, vogel na vogel, en op een dag zouden mijn gehavende hart en hersenen bij me terugkeren om me bij te staan in mijn ontplooiing.’

Les 8: Wijsheid

De mooiste lessen zijn doorgegeven lessen

Wat je ziet in de natuur is wat er na miljoenen jaren van evolutie is bovengedreven, als een perfect netwerk van radertjes die op elkaar inhaken. Maar dat ging niet vanzelf. Als achtste les, noemt Ferguson hoe in de natuur de oudere generaties nieuwe generaties helpen. Oudere bomen geven voedingsstoffen door aan jongere bomen via een netwerk aan schimmels. Oudere dolfijnen leren aan de jonkies hoe ze de sappigste bodemvissen vinden door een stuk zeespons af te breken en over de bodem te vegen, volwassen orang-oetangs leren aan hun telgen hoe ze een nest bouwen. En de kennis die wordt doorgegeven gaat niet alleen over praktische zaken, maar ook over emoties. Hoe socialer een diersoort, hoe meer aanzien hun oudste leden hebben. Oudere leden van de groep bemiddelen bij ruzies en verliefdheden, maar troosten ook bij rouw. Een aantal jaren geleden was er een groep verweesde olifantenmannetjes in Zuid-Afrika. Ze waren ongewoon agressief, belandden in onnodige gevechten en doodden over een periode van tien jaar wel honderd neushoorns. Later bleek uit onderzoek dat ze niet in staat waren de roep van een vijandelijke olifant te onderscheiden van die van een familielid. Ze hadden niet geleerd wie ze konden vertrouwen; een fundamentele vaardigheid bij het overleven.

Wij hebben onze ouderen nodig, stelt Ferguson. ‘Zoals dat ook geldt voor veel andere diersoorten, kunnen mensen veel leren van hen die er al heel wat jaren op hebben zitten. Ook al is jouw wereld totaal anders dan de wereld waarin je ouders of grootouders leefden toen ze jong waren. Bij veel verschillen gaat het eigenlijk alleen maar om technische snufjes – wat ons tot mens maakt, is in de kern nauwelijks veranderd.’

Meer Happinez?

Door anderen gelezen