De positieve kant van geheimen: drie wijze lessen

De positieve kant van geheimen: drie wijze lessen De positieve kant van geheimen: drie wijze lessen De positieve kant van geheimen: drie wijze lessen

Geheimen hebben we allemaal, dat is menselijk. Soms kunnen ze zwaar op je gemoed drukken en dan kan het opluchten om ze te delen. Maar de lichte en leuke geheimpjes, die helemaal van jou zijn, kunnen je leven extra kleur geven. Drie wijze lessen over geheimen.

 1. Geheimen zijn betoverend

Er is één kamer waar de jonge vrouw van Blauwbaard níet mag komen. Eén kamer waar een slangenmonster woont en waar Harry Potter en zijn vrienden niet naar binnen mogen. Eén kamer waar het weesmeisje Mary niet naar toe mag, ook al hoort ze er vreemde geluiden vandaan komen. En wat denk je? Já hoor!

Een geheime kamer maakt een verhaal meteen spannend, je wilt dóórlezen, je wilt weten wat er is (vaak een monster dat overwonnen moet worden). En dat geldt eigenlijk voor álle geheimen. Als het een geheim is, wil je het weten. Openkrassen, dat lot! Kopen, dat boek over onthullingen! Zoeken, die sleutel van de geheime kamer. Het is met geheimen zoals met de instructie ‘Denk niet aan een roze olifant!’ Waar denk je dan aan? Precies.

Daar is niks raars aan, dat is gewoon hoe geheimen werken. ‘Door iets geheim te willen houden, creëer je een obsessie in een jampot’, merkt psycholoog Daniel Wegner op, die onderzoek deed naar wat geheimen met ons doen. Voorbeeld: als je een gedachte hebt waarvan je schrikt en die je geheim wilt houden, kan het zijn dat je er juist des te harder aan moet denken. Dat kan er zelfs voor zorgen dat iets compleet je gedachten gaat beheersen (denk: stiekem eten of een geheime verliefdheid), terwijl het eigenlijk niet eens zo belangrijk of bijzonder was (snelste remedie: aan het begin meteen vertellen, aan iemand die er nuchter op reageert, zodat het niet de kans krijgt uit te groeien tot een obsessie).

Handig om te weten: als je iets geheim houdt, wordt het in je gedachten steeds belangrijker, maar dat wil niet zeggen dat het dat ook echt ís. Aan de positieve kant: voor leuke geheimen geldt óók dat je niet kunt stoppen met eraan te denken. Een verrassing die je voor iemand aan het voorbereiden bent, daar kun je je dagen over verkneukelen. Een bijzondere nacht, een geheime crush, een fantasie die op onverwachte momenten in je hoofd opduikt, kan een drukke dag nét een beetje meer glans geven. Je hoeft niemand te zeggen waarom je glimlacht. Binnenpretje!

2. Je hart luchten helpt. Maar inzichten nog meer

De grote vraag: wanneer moet je een geheim vertellen, en wanneer niet? De Amerikaanse psychologe Anita Kelly maakte op basis van haar onderzoek een eenvoudig schema om te bepalen of je een geheim beter wel of niet kunt delen. Het advies, heel kort samengevat: als je er geen last van hebt (geestelijk of lichamelijk), kun je het geheim gewoon bewaren. Als je er wél last van hebt (je ligt er wakker van, je voelt je er eenzaam door of het kan gevaarlijk zijn), zoek dan een vertrouweling om je geheim mee te delen.

Het is daarbij wel belangrijk om die vertrouweling met zorg te kiezen. Je kunt iemand een belastend geheim vertellen omdat je je hart een keer wilt luchten, en dat is heerlijk, je voelt je enorm opgelucht, eindelijk is het eruit. Mensen reageren vaak veel positiever dan je zelf verwacht. Maar er kan ook een keerzijde aan zitten. In het ergste geval heb je weer iets nieuws om over te piekeren. Bijvoorbeeld omdat iemand ánders nu met jouw geheim zit opgescheept, of omdat je bang bent dat het wordt doorverteld.

Zoek als vertrouweling iemand die discreet is, waarvan je weet of verwacht dat die je geheim niet zal doorvertellen. Dat is makkelijker als iemand niet direct persoonlijk of emotioneel betrokken is bij de mensen om wie het gaat. Daarnaast is het belangrijk dat die persoon geen oordeel over je heeft. En een derde belangrijke factor: het fijnst is als iemand je ook kan helpen om inzicht te krijgen in wat er aan de hand is. Heb je zo iemand niet in je eigen omgeving, zoek dan een (professionele) buitenstaander. Je kunt je geheim, al is het maar als eerste stap, ook opschrijven, dat kan helpen om dingen letterlijk ‘van je af’ te schrijven en zo meer inzicht te krijgen.

3. Houd een persoonlijk doel geheim

Zodra een geheim geen geheim meer is, verliest het zijn betovering en is het gemakkelijker om het los te laten. Dat is ook precies de reden dat het soms beter is om iets juist wél geheim te houden. Wanneer je jezelf bijvoorbeeld een persoonlijk doel hebt gesteld (een boek schrijven, Russisch leren, de marathon lopen, je ikigai zoeken, een geduldigere versie van jezelf worden), kan het beter zijn om dat geheim te houden, legt Derek Sivers uit in een TedX-lezing getiteld ‘Keep your goals to yourself’.

Dat lijkt een raar advies, want we zijn gewend om dat soort dingen onbekommerd te delen. Het is ook léuk om zo’n persoonlijk doel met anderen te bespreken – terwijl je erover praat is het net alsof je het al een beetje hebt bereikt en als er ook nog likes en hartjes overheen komen, is het helemaal feest. En dat is dus precies het probleem, waarschuwt Sivers: dat lekkere gevoel verkleint de kans dat je je doel echt bereikt. Je geest verwart ‘praten’ met ‘doen’ en omdat je de tevredenheid van sociale bevestiging al voelt, ben je minder gemotiveerd om het noodzakelijke werk te doen om je doel te bereiken.

Het is het proberen waard: heb je een persoonlijk doel, iets waaraan je wilt werken of wat je wilt ontwikkelen, houd dat dan een tijdje geheim. Geef jezelf de ruimte om er in stilte aan te werken, de vrijheid om ermee te stoppen (zonder dat iemand daar wat van vindt), en het plezier van de binnenpretjes als je merkt dat je doel dichterbij komt. Zie het als: spelen in je geheime tuin.

Beeld: fotografie door Eric van Lokven

Meer lezen?

In Happinez 02-2021 ‘Stilte’ lees je meer wijze lessen over geheimen. Bestel dit nummer nu zonder verzendkosten in onze webshop.


Meer Happinez?

Volgend artikel
Van tegenslag naar transformatie, een verlangen naar verandering
Van tegenslag naar transformatie, een verlangen naar verandering